Wat de AZ-jeugd leert van het ‘plotselinge succes’ van Messi

‘Wat denken jullie, heeft Lionel Messi zijn succes vooral te danken aan talent of aan hard werken? Steek je vlakke hand de lucht in als je denkt dat het door talent komt en je vuist als je vermoedt dat hard werken belangrijker is’, de presentatie van Bart Heuvingh op het BeNeVoetbal-trainerscongres is nauwelijks begonnen of hij betrekt de zaal al in zijn verhaal. Aarzelend steken een aantal aanwezige trainers hun hand op en al snel zijn er ook veel vuisten te zien. Heuvingh tovert vervolgens een plaatje tevoorschijn waarop Messi vlak na zijn doorbraak zegt: ‘Ik heb zeventien jaar keihard moeten trainen om nu ineens betiteld te worden als een plotseling succes.’

Heuvingh tijdens zijn presentatie.

Heuvingh tijdens zijn presentatie.

 

Bart Heuvingh, topsportbegeleider bij het eerste en in de jeugd van AZ, heeft in zijn jeugd op een hoog niveau tennis gespeeld, en heeft zo zelf ervaren wat er allemaal komt kijken bij ontwikkeling in de topsport. Het punt: voor een profcarrière is een flinke dosis talent het startpunt, niet de finish. Of zoals Heuvingh het zegt: ‘Het nature-nurture-debat laat ik graag over aan wetenschappers. Voor ons als opleiders is het vooral belangrijk dat we ons focussen op datgene waar we invloed op hebben: ontwikkeling.’

Ontwikkeling kan niet los gezien worden van mentaliteit, maar wanneer daarover gesproken wordt, blijkt het lastig om niet te vervallen in abstractheden en containerbegrippen. Heuvingh, die bewegingswetenschappen en prestatiepsychologie studeerde, wil mentaliteit concreet maken door duidelijk gedefinieerde begrippen te hanteren. Om voetballers bij te staan maakt hij bijvoorbeeld onderscheid tussen de statistische mindset en de groeimindset. Spelers met een statische mindset geloven dat talent een vaststaand concept is, waardoor zij fouten zullen vermijden. Bij een groeimindset gaat een voetballer er juist van uit dat talent dynamisch is en dat tegenslag noodzakelijk is om te leren. Uiteraard is dit in de praktijk minder zwart-wit. Iemand kan op het veld bijvoorbeeld een groeimindset etaleren, maar op school vastzitten in een statische mindset. En het is niet zo dat talenten met een groeimindset staan te juichen als iets misgaat.

Mindset

Heuvingh denkt dat de kracht van de groeimindset is dat problemen bij de kern worden aangepakt. ‘Het klassieke model in de sport is dat een atleet met faalangst naar een sportpsycholoog wordt gestuurd. Die probeert vervolgens zijn gedrag aan te passen, maar dat is slechts het topje van de ijsberg. Gedrag komt namelijk voort uit vaardigheden en die worden weer beïnvloed door overtuigingen. Bij de groeimindset probeer je die overtuigingen te beïnvloeden. Zoals ze in Zuid-Afrika zeggen: gras laat je niet groeien door eraan te trekken, maar door de wortels te voeden.’

Overigens worden de spelers in de jeugdopleiding van AZ niet vermoeid met deze concepten. Heuvingh gebruikt vooral filmpjes en afbeeldingen – bij voorkeur van succesvolle topsporters – om spelers te beïnvloeden. Daarnaast maakt hij gebruik van vijf leerprincipes. Allereerst is het de bedoeling dat coaches van AZ bij hun spelers geen eigenschappen prijzen, maar hun inzet en ontwikkeling benadrukken. In het verlengde daarvan moeten trainers geen feedback maar feedforward geven: het is stimulerender om te horen wat er in de toekomst beter kan, dan wat er in het verleden fout ging. Dat laatste kan namelijk niet meer veranderd worden. Ten derde wordt geprobeerd om ontwikkeling zichtbaar te maken. Heuvingh: ‘We proberen te praten in levels. Dat is wat makers van computergames zo ontzettend goed doen. Je ziet dat je iedere keer op een hoger niveau komt en dat stimuleert je om door te gaan.’ Ook probeert AZ aan spelers uit te leggen hoe ontwikkeling werkt (om iets te leren, moet je het herhalen zodat je hersenen snelkoppelingen aanleggen) en tegenslag te creëren (om spelers buiten hun comfortzone te laten komen).

Succes komt niet aanwaaien! Het is een proces van elke dag beter worden en heel veel herhalen. #GroeiMindset

Een foto die door bartheuvingh is geplaatst op

De groeimindset sluit naadloos aan op de essentie van topsport: tot het uiterste gaan om marginale winst te boeken. Denk bijvoorbeeld aan Sven Kramer en Daphne Schippers, die beiden iedere dag bezig zijn om hun specialiteit verder te perfectioneren. Schippers werd wereldkampioen sprint op de tweehonderd meter, maar dat was geen reden voor haar om in de winter niet keihard te werken aan haar start om zo een paar honderdste van een seconde tijdwinst te boeken. Dat was mogelijk dankzij de keuze van Schippers om te stoppen met de meerkamp en de focus te leggen op een specifiek onderdeel.

Een groeimindset kan niet alleen van pas komen bij het verbeteren van onderdelen waar talenten minder goed in zijn, maar juist ook bij specialisatie. John Terry zal zich nooit ontwikkelen tot een dribbelkoning als Messi, maar hij heeft andere kwaliteiten en is daarmee al jaren goud waard voor Chelsea. ‘Mijn stelling is dat iedereen zich kan ontwikkelen, maar dat niet iedereen de beste kan worden’, legt Heuvingh uit. ‘Een belangrijk onderdeel van de groeimindset is voor mij dan ook het doorontwikkelen van je wapens. Ik gebruik vaak Arjen Robben als voorbeeld. Hij is nog steeds iedere dag bezig om zijn dribbel van rechts naar binnen te perfectioneren en boekt zo zelfs in de herfst van zijn carrière nog vooruitgang.’

Heb je genoten van dit artikel? Overweeg dan eens om het te kopen via onze button in Blendle. Gewoon als bedankje! 

About Pieter Zwart

Pieter is naast eindredacteur bij Catenaccio ook bureauredacteur bij Voetbal International. Hij is al vanaf het begin betrokken bij Catenaccio. Pieter richt zich vooral op financiële en tactische analyses, maar schrijft ook andere onderzoeksartikelen. Volg Pieter op Twitter | Meer artikelen van Pieter