Voetballerij op rand faillissement

Volgens een recente studie van consultantsbureau A.T. Kelney zouden de grootste Europese competities op het rand van bankroet staan. Vooral in Engeland, Spanje en Italië zou men erg onverantwoord bezig zijn. Sterker nog; als een normaal bedrijf zulk soort wanbeleid zou voeren, dan zouden ze binnen de kortste keren failliet verklaard worden. In het rapport werden de hoogste divisies uit Engeland, Spanje, Italië, Duitsland en Frankrijk onder de loep genomen. Dit wordt gedaan aan de hand van sportieve en economische resultaten. Daarnaast werd ook gekeken naar de mate waarin de clubs investeerden in hun sociale rol en het milieu.

Als de voetballerij een normaal bedrijf was geweest, dan was het waarschijnlijk al lang failliet verklaard.

Als de voetballerij een normaal bedrijf was geweest, dan was het waarschijnlijk al lang failliet verklaard.

De conclusies die het consultantsbureau trok zijn schokkend te noemen. Zo noemt men de cijfers van de clubs schokkend, vooral omdat er jaar in jaar uit meer wordt uitgegeven dan erin komt. Vooral de investeringen in transfers en lonen springen er daarbij uit. Hierbij haalde men onder andere de bankencrisis in Griekenland aan en werd er gerept van een klimaat dat “overinvestering en het nemen van hoge risico’s aanmoedigt.” Het is een verhaal dat binnen de voetbalwereld al jarenlang een openbaar geheim is, maar slechts zelden zo keihard op papier gezet als in het rapport getiteld ‘Football Sustainability Study’.

In het rapport wordt verder de Bundesliga als voorbeeld gesteld voor de overige competities. Duitsland heeft namelijk, mede dankzij het WK van 2006, zeer moderne stadions. Daarnaast investeerden ze ruim honderd miljoen euro in hun voetbalacademie, om minder afhankelijk te zijn van een succesvol transferbeleid. Toch blijft de Duitse competitie zowel op sportief gebied als op mediagebied nog achter bij de Spaanse en Engelse competitie. In de uiteindelijke rangschikking van het bureau eindigt Duitsland wel op de eerste plaats, gevolgd door Engeland, Frankrijk, Spanje en Italië.

De bevindingen van het rapport kort samengevat

De bevindingen van het rapport kort samengevat

Het rapport van A.T. Kelney zou eigenlijk de voetballerij enorm moeten laten opschrikken, maar de kans dat zoiets gebeurt is nihil. De kans dat een voetbalclub, laat staan een hele competitie, op de fles gaat is namelijk nihil. Dit werd perfect uiteengezet in het meesterwerk ‘dure spitsen scoren niet’. Waar van de honderd grootste Engelse bedrijven in 1912 er in 1995 nog maar 51 over waren, bleken van de 88 clubs uit het Engelse profvoetbal in 1923 nog 85 te bestaan. Sterker nog; een meerderheid van de 88 clubs speelde nog in exact dezelfde divisie als in 1923. Slechts negen teams waren twee of meer divisies verwijderd van hun plek in 1923. Oftewel: waar over de hele wereld bedrijven op de fles gingen, genationaliseerd werden of overgenomen werden, bleef de voetbalwereld opvallend intact.

De reden van deze consistentie is simpel: beleid voeren bij een voetbalclub is ongelofelijk makkelijk. Voetbalclubs hebben namelijk een enorm vaste klantenkring. In het bedrijfsleven kun je wel zweren bij Coca Cola, maar als die slechte cola maken stap je vanzelf over naar Pepsi. Dit geldt niet voor voetbalclubs, die door hun fans door dik en door dun gesteund zullen worden. Zo zal een club die de concurrentie niet kan bijhouden misschien degraderen, maar ook op een lager niveau zullen ze blijven bestaan. Ook zullen enkele fans kunnen weglopen bij je club, maar je zit altijd vast aan je geografische wortels. Je achterland zou daardoor nooit volledig kunnen verdwijnen. In een normale bedrijfstak loopt men ook het risico technologisch voorbij gestreefd te worden. In het voetbal kan dit niet, want de technologie is het spel zelf.

financien3Een ander groot probleem waarmee bedrijven kampen, namelijk het inpikken van de markt door goedkopere of betere aanbieders, is voor het voetbal ook niet relevant. FC Barcelona zou door de regels van het voetbal nooit in de Nederlandse competitie kunnen spelen en kan dus ook niet het achterland van bijvoorbeeld Ajax weghalen. Ook risicovolle investeringen zijn zelden een probleem voor voetbalclubs. Meestal draait een goedwillige investeerder of de belastingbetaler op voor een foute investering, aangezien een club zowel voor investeerders als voor een stad een prima uithangbord is. Daarnaast is het inkomen van een voetbalclub redelijk constant en lijdt de sport als geheel niet echt onder een recessie.

Het is dan ook niet verwonderlijk dat voetbalclubs zelden op de fles gaan. Het morele risico van investeringen is namelijk niet erg hoog. Als je weet dat je enorme verliezen mag lijden en toch gered zult worden, dan ben je in principe vrij om enorme verliezen te lijden. Er is financieel wanbeleid in de voetbalwereld omdat er financieel wanbeleid mag zijn.  Het mooiste voorbeeld hiervan is misschien wel AZ. Terwijl het hele imperium van Dirk Scheringa zonder slag of stoot failliet verklaard werd, bleef AZ moeiteloos overeind. Gezien die constatering is het ook niet raar dat voetbalaandelen op de beurs nooit een groot succes zijn geworden. Alle clubs hebben er ruim aan verdiend, maar de investeerders kwamen bedrogen uit. In het voetbalwereldje zijn namelijk geen dikke winsten te behalen.

Platini lijkt de sleutel tot een gezondere sport te hebben

Platini lijkt de sleutel tot een gezondere sport te hebben

Aan de oplossingen voor dit chronische probleem wordt inmiddels hard gewerkt. Gelukkig voor Nederland neemt de KNVB het voortouw in deze strijd tegen het wanbeleid. Zo moet voor het eerst sinds jaren een Nederlandse club met strafpunten beginnen aan de Eredivisie, terwijl er in de Eerste Divisie nog veel harder werd gestrooid met strafpunten. Ook de UEFA doet zijn duit in het zakje door Real Mallorca wegens financieel wanbeleid te weren uit de Europese competities. Slechts met dit soort keiharde maatregelen kan het financiële wanbeleid in de voetbalsector teruggedrongen worden, want zolang de resultaten op het veld goed zijn, mogen de bestuurders ook blijven zitten. Het wachten is nu op wereldwijde maatregelen, die het eindeloze gegooi met miljoenen eindelijk zullen stopzetten. Pas dan kan de zieke voetballerij genezen worden.

De vraag is echter of de FIFA en de UEFA dit wel zullen durven. Zij bestaan namelijk slechts bij de gratie van diezelfde bestuurders die de voetballerij tot een paleis van financieel wanbeleid gemaakt hebben. De laffe bobo’s zullen te bang zijn dat de clubs hun eigen bond zullen oprichten en de maatregelen zullen niets anders zijn dan een paar simpele plaagstootjes. De enige die werkelijk iets aan de situatie kunnen veranderen zijn de clubs zelf. De misdadiger als rechter bij zijn eigen proces; de uitkomst laat zich raden.

Klik hier om het volledige rapport van A.T. Kelney te lezen.

About Pieter Zwart

Pieter is naast eindredacteur bij Catenaccio ook bureauredacteur bij Voetbal International. Hij is al vanaf het begin betrokken bij Catenaccio. Pieter richt zich vooral op financiële en tactische analyses, maar schrijft ook andere onderzoeksartikelen. Volg Pieter op Twitter | Meer artikelen van Pieter