Succes Engeland niet van Hodgson

Met de laagste verwachtingen ooit trokken de Engelsen naar het EK in Polen en Oekraïne. Bondscoach Fabio Capello was net opgestapt en verschillende gerenommeerde namen behoorden (deels door blessures) niet tot de uiteindelijke selectie. Het moraal in de Engelse pers was dat van zelfspot. Plots was daar de groepswinst. Meteen steekt de boulevardpers de loftrompet. Het Engelse voetbal leeft weer. Dankzij Roy Hodgson, zeggen zij. Maar dat is niet zo.

1966

Engeland speelt op het EK in een typische Hodgson-tactiek, de platte 4-4-2. De bondscoach grijpt daarmee terug naar de Engelse succesploegen uit het verleden.

Toen Sir Alf Ramsey de 4-4-2 formatie introduceerde bij de Engelsen, was het een revolutionair concept, en de katalysator van het WK-succes in 1966. Het systeem was uitgebalanceerd, minimaliseerde risico’s door twee lijnen van vier man op een rij en wist snel de omschakeling te vinden door de buitenspelers die de twee aanvallers ondersteunden. Toen was het een tactiek die zijn tijd ver vooruit was.

Nu is de platte 4-4-2 een beetje uit de mode geraakt. Het is een degelijk systeem, maar er zit geen ‘jus’ in de formatie, weinig creativiteit. Daar is het ook niet voor gemaakt. Bovendien vraagt het een enorme commitment van de spelersgroep, die vooral hun positionele taken tot in perfectie uit dienen te voeren. Gebeurt dat niet, dan kan men tegen ploegen met een driemanmiddenveld overlopen worden. Een andere reden voor het diskrediet wat de 4-4-2 met zich meebrengt, is de manier waarop voetbal tegenwoordig in de mode is. Barcelona en Spanje spelen volgens velen ‘het mooiste voetbal van de wereld’. Zij doen dat met een tactiek die gestoeld is op veel balbezit en pressie. Engeland niet.

Moderne speelwijze

Engeland is een team dat het niet erg vindt om reactief voetbal te spelen en op de counter of stilstaande fases proberen toe te slaan. Ze zijn al benoemd als een soort Chelsea-light, in dat opzicht. Men laat de tegenstander veel aan de bal, maar zodra er door die tegenstander balverlies geleden wordt, volgt er directe passing naar de voorste linie om zo te profiteren van de ruimte en de lengte van het veld. Het vergt enorm veel coaching, die in dit Engeland gedaan wordt door Ashley Cole, Steven Gerrard en John Terry. Zoals bekend, won Chelsea er dit seizoen de Champions League mee. Het voetbal is lelijk, maar toch effectief.

Het is precies die tactiek die bondscoach Roy Hodgson door zijn gehele carrière heeft gespeeld. Een blik op zijn CV laat zien dat het hem geen windeieren heeft gelegd. De stijl van Hodgson is conservatief, de 4-4-2 die hij bezigt reflecteert dat, en de tactiek maskeert tevens de fysieke tekortkomingen van haar belangrijkste spelers. Het is geen toeval dat juist Steven Gerrard en John Terry uitblinken in deze formatie.

Capello’s erfenis

Heeft Hodgson deze formatie dan opnieuw geïntroduceerd bij de Engelsen? Het antwoord is nee. Fabio Capello speelde ook in een 4-4-2 formatie. Hij was statistisch gezien de beste bondscoach ooit, kijkend naar winstpercentage. De Italiaan werd echter afgemaakt door de boulevardpers. Buitenlandse coaches krijgen te maken met een onrealistisch hoog verwachtingspatroon, vooral door de pers die de druk op een ‘foreigner’ meteen hard opvoert. Nationalisme is de Engelsen niet vreemd.

Diezelfde media staan nu op de banken voor Hodgson en zijn ‘revolutionaire’ 4-4-2, terwijl die slechts voortborduurt op de successen van zijn voorganger, en daarbij zelfs nagenoeg dezelfde opstelling hanteert. Terry excelleerde ook al onder Capello. Is de huidige reeks dus wel op het conto van Hodgson te schrijven?

Lady Luck en Lampard

En dan is er nog de factor geluk. Bij zijn aanstelling kwam Hodgson gelijk voor een aantal dilemma’s te staan. Nam hij Gerrard en Lampard allebei mee? Was er plaats voor Carrick, Crouch, Barry en Richards? En wat zou Hodgson doen met de spanningen tussen Rio Ferdinand en John Terry?

Uiteindelijk losten die dilemma’s zich allemaal vanzelf op, een gegeven waar Hodgson nul moeite in gestoken heeft, en dus ook geen lof voor verdient. Lampard raakte, evenals Barry, vlak voor het toernooi geblesseerd op de training. Hodgson heeft zich dus nooit hoeven branden aan het duivelse dilemma om zowel Gerrard als Lampard uit te spelen op hetzelfde middenveld. Het scheelde hem een hoop hoofdbrekens, en ongetwijfeld veel kritiek in de Engelse tabloids.

Crouch, Carrick en Richards lieten in een vroeger stadium weten niet als bankwarmer mee te willen, en dus werden zij niet meegenomen naar het EK. Ook daar had Hodgson dus weinig kopzorgen over.

John Terry: status aparte

De meest delicate beslissing in de aanloop naar het toernooi, werd door de Engelse voetbalbond voorgekauwd aan Hodgson. Rio Ferdinand mocht niet mee naar het EK.

Ferdinand zat daardoor niet bij de voorselectie, volgens de Engelse voetbalbond vanwege ‘voetbalredenen’. Het is echter een publiek geheim dat de bond de situatie met John Terry niet wilde laten escaleren. Terry noemde Anton Ferdinand, het broertje van Rio, eerder dit seizoen een ‘fucking black cunt’ tijdens de wedstrijd QPR – Chelsea. Dat zette kwaad bloed bij zowel Anton als Rio, en verslechterde de sfeer in de Engelse selectie.

Omdat ex-aanvoerder Terry te belangrijk is voor zowel Chelsea als Engeland, knepen de voetbalbobo’s een oogje toe. Daarom staat John Terry ook pas na het EK terecht voor zijn bewoordingen.

Capello stapte op omdat hij met de bond van mening verschilde over deze kwestie. Hij had Terry nooit meer opgeroepen. De FA was het daar niet mee eens, en gaf de Chelsea-verdediger, die een aantal turbulente seizoenen achter de rug heeft, een status aparte binnen het elftal. Hij moest en zou meegaan. Dat betekende voor Hodgson dat hij Rio, maar ook Anton Ferdinand onmogelijk kon selecteren. Daarom kwam de bondscoach uit bij Phil Jagielka van Everton.

Het is een vreemd gegeven. Een sterspeler die zich op sterk negatieve wijze profileert, tegen alle verwachtingen en de algemene consensus in beschermd wordt door de eigen sportbond en daardoor indirect de nationale ploeg een positieve impuls geeft. Een situatie ook, waarbij er nul inmenging van bondscoach Hodgson was.

Zwaarste opgave

Nu staat Engeland voor haar zwaarste opgave tot nu toe. Terwijl de jubelende krantenkoppen volledig achter Hodgson’s mannen zijn geschaard, en na het eerdere negativisme schreeuwen om toernooisucces, komen de Engelsen de gehaaide Italianen tegen. Zij weten ook het een en ander van organisatie, mentaliteit en countervoetbal.

Het is aan ‘wonderdokter’ Hodgson om te laten zien dat hij weer een konijn uit zijn gerecyclede hoge hoed kan toveren. Of ligt het toch aan andere factoren?

About Gino van Montfort

Gino is hoofdredacteur en mede-oprichter van Catenaccio. Hij is al van kinds af aan voor Feyenoord, maar laat in zijn artikelen vooral een merkwaardige interesse zien in clubs, spelers en verhalen uit Zuid-Amerika. Oh, en nu Feyenoord het wat minder doet, hoor je hem vooral over zijn andere grote liefde: Real Madrid. Volg Gino op Twitter | Meer artikelen van Gino