Scouten voor België: counters, crosspasses en corners cruciaal tegen oerdegelijk Italië

Na jaren van zaaien hoopt België tijdens het EK 2016 te oogsten. Met een selectie vol spelers die onder contract staan bij topclubs, worden de Rode Duivels geacht om een serieuze gooi te doen naar de titel. Bij afwezigheid van het Nederlands elftal legt Catenaccio alle opponenten van België onder de loep, te beginnen met Italië. De Azzurri bouwen op een ijzersterke verdediging, maar hebben offensief problemen.

De Italiaanse bondscoach Antonio Conte, die na dit toernooi aan de slag gaat bij Chelsea, kiest voor hetzelfde fundament waarmee hij tussen 2011 en 2014 successen heeft gevierd met Juventus. Net als in zijn Turijnse periode gaat Conte uit van een 3-1-4-2-formatie waarin keeper Gianluigi Buffon, Andrea Barzagli, Leonardo Bonucci en Giorgio Chiellini het defensieve kwartet vormen. Door te testen met 3-4-3, 4-3-3 en 4-4-2 heeft Italië geprobeerd om meer rendement uit het aanvallende potentieel te halen, maar na het geblesseerd afhaken van Claudio Marchisio en Marco Verratti zijn die experimenten in de ijskast gestopt. ‘Door maniakaal te werken als team kunnen we deze afwezigheid opvangen’, aldus de Italiaanse keuzeheer.

De verwachte opstelling van Italië tegen België.

De verwachte opstelling van Italië tegen België.


Conte heeft met 3-1-4-2 gekozen voor zekerheid en verschaft zichzelf de ruimte om afhankelijk van tegenstanders zijn middenvelders en aanvallers te variëren. Daarbij kijkt hij vooral naar de vraag of spelers zijn spelidee begrijpen en kunnen uitvoeren en minder naar individuele kwaliteit. Dat verklaart waarom Juventus-reserves Stefano Sturaro en Simone Zaza in de selectie zitten, terwijl Jorginho, Roberto Soriano, Riccardo Saponara, Domenico Berardi, Franco Vazquez en Andrea Belotti zijn afgevallen.

Balbezit

In balbezit is de speelstijl van Italië conservatief en geduldig. De opbouw wordt vrijwel volledig verzorgd door de drie centrumverdedigers, die de gehele breedte van het veld benutten. De verdedigende middenvelder is altijd te vinden in de ruimte voor dit trio. Aangezien de wingbacks van Italië juist ver doorschuiven, ontstaat een soort 3-3-4-formatie. Barzagli, Bonucci en Chiellini hebben de taak om de bal rond te spelen tot er ruimte ontstaat om de middellinie van de tegenstander met een pass te doorbreken. Dat gebeurt doorgaans op drie verschillende manieren. Via een lange bal richting een van de doorkomende mensen op de vleugel, met een diepe pass op een van de spitsen of door te zoeken naar een kaats met een van de twee centrale aanvallers. Vooral Bonucci is erg bedreven in dit soort ballen als hij de ruimte krijgt, dus het is zaak voor België om hem goed in de gaten te houden.

Italië maakt gebruik van een aantal ingeslepen patronen om het gewenste resultaat in de opbouw te boeken. Een beproefde methode is de loopactie van de rechtercentrale middenvelder naar de zijkant. Het doel daarvan is om een tegenstander weg te trekken uit het centrum, om zo de passinglijn naar de spitsen te openen. Stapt niemand uit, dan kan juist een overtalsituatie op de flank ontstaan. Een alternatief is dat de spelmaker voor de defensie ruimte vindt tussen de linies en direct diepte zoekt, al is die strategie minder effectief geworden sinds Andrea Pirlo aan het afbouwen is in Amerika. Daarnaast zijn de centrale verdedigers niet bang om – wanneer mogelijk – in te dribbelen naar het middenveld.

Italië_opbouw3

Door het lage tempo en het gebrek aan creatieve middenvelders heeft Italië moeite om het balbezit om te zetten in doelkansen. Het meest succesvol is de ploeg van Conte met lage voorzetten vanaf de flanken. Meestal wordt de bal neergelegd bij de eerste paal, al behoort terugleggen op een doorkomende middenvelder ook tot de opties. Dat de Azzurri het lastig vinden om in een 3-1-4-2 gevaarlijk te worden uit open spel, wordt geïllustreerd door het feit dat de Italianen in de elf duels onder Conte in deze formatie slechts acht velddoelpunten gemaakt hebben.

Verwacht wordt dat Italië tegen België gaat beginnen met de meest offensieve opties op de zijkanten. Antonio Candreva en Stephan El Shaarawy krijgen de taak om het gebrek aan compactheid bij de Rode Duivels uit te buiten. In het oefenduel met België op 13 november is al duidelijk geworden dat daar mogelijkheden liggen. De backs zijn namelijk op papier de zwakste schakels in de equipe van bondscoach Marc Wilmots en als de ruimtes te groot worden, kan dat leiden tot grote problemen. Zeker tegen Candreva en El Shaarawy, die beiden een man kunnen uitspelen en oog hebben voor ruimtes achter de defensie.

BelIta_compactheid

Een ander vraagstuk dat Wilmots moet zien op te lossen, is het bestrijden van Graziano Pellè. De spits van Southampton gaat waarschijnlijk een koppel vormen met de snelle Zaza. In Brussel lukte het België totaal niet om Pellè uit te schakelen. Hij won acht van zijn tien luchtduels en vormde daarmee een effectief antwoord op de pressing van België. Als Pellè de bal teruglegt krijgen middenvelders vaak de bal met het gezicht naar het doel, waardoor er plots alle kans is om de bal achter de hoge laatste lijn van België te leggen.

Omschakeling

Een interessant aspect aan de tactiek van Italië is dat de uitgangsformatie in balbezit anders is dan uit balbezit. Waar in de opbouw de 3-1-4-2 al snel verandert in een soort 3-3-4, wordt verdedigend 5-3-2 als basis gebruikt. Het kost de backs uiteraard tijd om van de voorste in de achterste linie te geraken, dus het is voor Italië cruciaal om direct druk te geven bij balverlies. Het voornaamste doel hiervan is om tijd te winnen en zo de defensieve stellingen in te kunnen nemen. Duidelijk is dat Conte aan dit aspect veel aandacht besteed heeft op de trainingen, want zijn spelers zijn erg gedisciplineerd in dergelijke omschakelmomenten.

Italië_omschakeling7

Als het niet lukt om met pressing de bal direct terug te veroveren – of de tegenstander te dwingen tot een pass achteruit – dan heeft Italië nog twee opties achter de hand. De eerste is een professionele overtreding. Een klein vergrijp is vaak een effectief middel om de angel uit een counter te halen. Italië heeft in afwachtig van de vrije trap voldoende tijd om zich goed op te stellen. Het tweede alternatief is een traditionele vertragingstactiek. De centrumverdedigers lopen in dat geval achteruit en geven geen druk. Dit in de hoop dat de speler aan de bal gaat treuzelen en zo het tempo uit de aanval verdwijnt. Immers; hoe langer het duurt, hoe beter de organisatie en hoe kleiner de kans op een doelpunt.

Voor België wordt het daarom cruciaal om optimaal te profiteren van de momenten dat Italië omschakelt van de formatie in balbezit naar die uit balbezit. De sleutel ligt wat dat betreft bij de drie aanvallende middenvelders, die in deze situaties zichzelf aanspeelbaar moeten maken in de vrije ruimtes. Daarnaast moeten de Rode Duivels op de tegenaanval het tempo hoog houden en zo direct mogelijk te spelen. Dan is het namelijk mogelijk om Italië op de counter pijn te doen, zoals Bulgarije al heeft aangetoond.

Italië_omschakeling6

Verdediging

Als Italië eenmaal de defensieve stellingen heeft ingenomen, dan is het bijna onmogelijk om nog te scoren. In andere formaties heeft de ploeg van Conte zich bij vlagen kwetsbaar getoond, zoals met 4-4-2 bij de 3-1 nederlaag tegen België, maar in 3-1-4-2 is de ploeg verdedigend bijna niet te kloppen. Illustratief is dat Finland en Schotland in de laatste twee oefenduels van de Azzurri niet verder kwamen dan één schot, in beide gevallen een afzwaaier van grote afstand.

Italië dankt zijn verdedigende succes aan de uitstekende veldbezetting. In de 5-3-2, waarbij het defensieve blok dus bestaat uit acht man, schuiven alle spelers mee met de bal. Hierdoor wordt het centrum goed afgeschermd en staan er altijd veel mensen achter de bal. Dat betekent niet dat de Italianen ver inzakken, want Conte houdt de tegenstander het liefst buiten het strafschopgebied.

Als Italië druk zet op de bal, dan is het hoofddoel daarvan om gevaar te voorkomen en niet om de bal te veroveren. Een signaal voor de ploeg van Conte om te gaan pressen, is een pass naar een van de backs van de tegenstander. In dat geval beweegt de vleugelverdediger van Italië aan die kant naar voren. De drie centrale verdedigers schuiven vervolgens door om het gat op te vullen wat de back heeft achterlaten, waardoor samen met de andere vleugelverdediger een viermansdefensie ontstaat. De middenvelders en aanvallers bieden ondersteuning door richting de balkant te bewegen. Italië geeft daarbij de illusie van tijd, maar als een riskante bal door de as volgt, neemt de intensiteit enorm toe en wordt vaak de bal veroverd. Dat betekent dan direct het startsein voor een gevaarlijke counter.

Uitsappen

Met het spelersmateriaal van België is het redelijk eenvoudig om niet in deze valkuil te trappen. Italië laat de aanspeelopties achter de bal namelijk in principe vrij, zoals te zien in deze video. Gevolg is dat de Belgische centrumverdedigers Toby Alderweireld en Jan Vertonghen in deze gevallen in relatieve vrijheid de bal kunnen krijgen. Met hun voetballende vermogen kunnen ze de bal verplaatsen naar de andere kant van het veld, waardoor de Italianen veel meters moeten maken en mogelijk één-tegen-één-duels kunnen ontstaan op de flanken. Dat kan Eden Hazard, Kevin De Bruyne, Dries Mertens en Yannick Ferreira Carrasco in de kaart spelen.

Standaardsituaties

Italië maakt meer dan de helft van zijn doelpunten uit standaardsituaties.

Italië maakt meer dan de helft van zijn doelpunten uit standaardsituaties.

 

Als Italië in zijn favoriete 3-1-4-2 op het veld staat zijn doelpunten uit open spel relatief zeldzaam, en ook België heeft aangetoond weinig te incasseren in de kwalificatie voor het EK. Het zou dus zomaar kunnen dat België – Italië maandag door standaardsituaties wordt beslist. Italië is buitengewoon bedreven in dit aspect. Hier wordt ook duidelijk op getraind, want Italië maakt veelvuldig gebruik van varianten. Tegen Finland werd de bal bijvoorbeeld een keer neergelegd bij een vrije man op de rand van de zestien en was ook een korte corner te zien. Daniele De Rossi scoorde bovendien uit een vrije trap, die vanaf de andere kant opnieuw werd ingebracht. In november maakten ook de Belgen kennis met de uitgekookte Italiaanse standaardsituaties, nadat Chiellini een blok zette en zo ruimte maakte voor zijn medespeler.

Italië_corner

In algemene zin is de bezetting van Italië bij corners vaak uitstekend. De Italianen hebben veel goede koppers en een aantal spelers met een prima trap. Vaak wordt de eerste paal aangevallen, terwijl er tegelijkertijd spelers bij de tweede paal opduiken. De eerste kopper kan direct scoren of de bal verlengen. Tevens staan er altijd één of twee Italianen rondom de rand van het strafschopgebied om een afgeslagen bal op te vangen, of een korte corner mogelijk te maken.

De Italiaanse bezetting bij corners maakt dat er altijd verschillende mogelijkheden zijn om te scoren.

De Italiaanse bezetting bij corners maakt dat er altijd verschillende mogelijkheden zijn om te scoren.


Tegelijkertijd moet niet raar opgekeken worden als de Belgen zelf profiteren van een standaardsituatie. De Italianen laten achterin namelijk nog weleens een steekje vallen; Azerbeidjan, Noorwegen en Roemenië verschalkten Buffon in zo’n situatie. Ook de Belgen weten dat hier wat te halen valt, want Jan Vertonghen scoorde in november ook na een corner, terwijl ook de treffer van Ferreira Carrasco ontstond na een korte hoekschop.

België creëert een 3 versus 2-situatie bij de tweede paal. Jan Vertonghen profiteert door raak te koppen.

België creëert een 3 versus 2-situatie bij de tweede paal. Jan Vertonghen profiteert door raak te koppen.


Italië rust, zoals we dit gewend zijn van het land, op een enorm solide verdedigende organisatie. Het zal voor de Belgen erg lastig worden om dit blok uit elkaar te voetballen. De Italianen hebben her en der in hun selectie wel individuele kwaliteit, maar loopt daar bepaald niet van over op dit toernooi. Met behulp van hun repertoire aan standaardsituaties moeten ze echter wel in staat worden geacht om met regelmaat gevaar te stichten. Zo treft België misschien wel hetzelfde lot als Nederland enige jaren geleden: dat ze niet van je kunnen winnen, maar je wel van ze kunt verliezen.

Door Pieter Zwart, met een bijdrage van Nikos Overheul

About Pieter Zwart

Pieter is naast eindredacteur bij Catenaccio ook bureauredacteur bij Voetbal International. Hij is al vanaf het begin betrokken bij Catenaccio. Pieter richt zich vooral op financiële en tactische analyses, maar schrijft ook andere onderzoeksartikelen. Volg Pieter op Twitter | Meer artikelen van Pieter