PSV is een kettingroker met longklachten

We meldden het jullie al in de afgelopen zomer. Met de investeringen die PSV doet op de transfermarkt lopen ze grote risico’s wanneer ze geen kampioen worden, was destijds al de conclusie. Zelfs na de recordzege op Feyenoord waren wij zo attent de problemen bij de club uit Eindhoven te duiden. Om uiteindelijk maar ons medelijden uit te spreken naar Fred Rutten, de man die binnen de organisatie de zwarte piet toegeschoven kreeg. Hoewel velen het destijds nog betwijfelden, is het nu duidelijk geworden. PSV stond op de rand van een gigantische financiële afgrond.

PSV presenteerde vandaag zijn noodplan

PSV presenteerde vandaag zijn noodplan

Het plan

Gisteren presenteerde PSV hun plan om uit de financiële zorgen te geraken. Het hield het volgende in: de grond onder het Philips-Stadion en van het trainingscomplex De Herdgang wordt voor 48,4 miljoen euro gekocht door de gemeente. In ruil daarvoor betaalt PSV jaarlijks zo’n 2,4 miljoen euro. Daar staat echter tegenover dat de deal de gemeente per jaar 2,1 miljoen kost aan rentelasten. De gemeente koopt de grond namelijk op met een lening. Strikte voorwaarde is dat PSV nooit meer de inkomsten uit de Champions League mee gaat begroten. Mocht de gemeenteraad met dit voorstel instemmen, dan leent hoofdsponsor en oprichter Philips de club een bedrag van twintig miljoen, om de schuldenlast dragelijker te maken. Ook zullen dan enkele regionale investeerders de club over een periode van acht jaar een bedrag rond de tien miljoen willen lenen.

Gemeenteraad

De vraag is echter of de gemeenteraad in gaat stemmen met dit plan. Binnen de raad bestaan er vooral bij de linkse partijen twijfels over deze plannen. Zo kondigde de SP al aan tegen het plan te gaan stemmen. Voor het raadsvoorstel is in het college tevens geen unanieme steun. Twee vrouwelijke wethouders (PvdA en GroenLinks) stemden tegen het voorstel. Partijen als de VVD en het CDA hebben echter aangegeven sowieso toe te stemmen. Aangezien PSV waarschijnlijk failliet gaat als de gemeente dit voorstel niet steunt, zal er echter wel voor gestemd worden.

Deze wethouder moet de gemeenteraad zien te overtuigen

Deze wethouder moet de gemeenteraad zien te overtuigen

De grote vraag is echter of dit voorstel wel rendabel is voor de gemeente. Een simpele rekensom rekent dat het verschil tussen de rentelast (2,1) en het bedrag dat PSV de gemeente betaalt (2,4 miljoen) slechts drie ton bedraagt. Als je dit uitsmeert over de periode van veertig jaar levert het de gemeente slechts twaalf miljoen op en maakt men dus zesendertig miljoen euro verlies met deze transactie. Ondertussen levert het onderhoud van het complex de gemeente ook nog eens extra kosten op.

Daar staat echter tegenover dat de gemeente wel eigenaar is geworden voor een stuk grond voor een marktconforme prijs. Mocht PSV de komende jaren willen verhuizen naar een groter stadion, dan wordt de grond onder het Philips Stadion een veelvoud waard van wat het nu waard is. Hetzelfde geldt voor de grond van De Herdgang. Positief voor de gemeente is ook dat het Philips Stadion als onderpand geldt in het geval van een faillissement van PSV. Opmerkelijk, aangezien de gemeenteraad dan niet nog een keer de club van de ondergang zou redden, omdat ze daar financieel totaal geen belang bij hebben.

Keerzijde van het verhaal is dat PSV de grond die nu aan de gemeente verpacht is al langer aan de man probeert te brengen. De grond stond voor minder geld in de boeken dan het daadwerkelijk waard was, maar geen enkele partij was bereid de grond her te waarderen. Evenmin was er geen particuliere partij bereid was een gunstige regeling te treffen met PSV. Er was zelfs niemand bereid de grond op te kopen.

Conclusie mag zijn dat de investering voor de gemeente alles behalve rendabel is. Het levert ze qua rente amper geld op, maar ze worden wel eigenaar van een stuk grond. Let wel: een stuk grond waar geen enkele partij in geïnteresseerd is, zolang ze dezelfde bestemming kennen als nu. Anderzijds is PSV een uithangbord voor de gemeente Eindhoven en zullen ze de club niet zo snel laten vallen. Beweringen dat de investering van de gemeente geen verkapte staatssteun zijn, lijken echter op drijfzand gebaseerd. Mocht de investering die de gemeente Eindhoven wil doen rendabel zijn, dan was er wel een particuliere partij ingestapt.

Club in nood

Je zou dus verwachten dat het plan voor de club uit Eindhoven niets dat goeds betekent. Kortzichtige supporters prijzen Tiny Sanders daarom ook bij voorbaat voor de nieuwe deal. Niets is echter minder waar. PSV redt zichzelf weliswaar op de korte termijn, maar op de lange termijn is de reddingsactie alles behalve een verstandig plan.

Laten we beginnen met een rekensom. PSV ontvangt namelijk 48 miljoen voor de grond onder het stadion en onder De Herdgang. Men betaalt echter ook pacht aan de gemeente om deze grond weer terug te kunnen huren. Dit bedraagt jaarlijks zo’n 2.4 miljoen, wat over een looptijd van veertig jaar neerkomt op een totaalbedrag van 96 miljoen euro. Een verlies van 48 miljoen euro dus. Een gat dat Sanders maar wat graag laat dichten door zijn opvolgers. Na hem de zondvloed.

Na Sanders de zondvloed

Na Sanders de zondvloed

Tevens is PSV met het verkopen van de grond zijn laatste beetje reserve kwijtgeraakt. Eerder was het Jan Reker die met de verkoop van een parkeerterrein de financiële problemen kon verdoezelen, nu is het Sanders die de grond van PSV van de hand doet. Met als gevolg dat de club vrijwel geen bezittingen meer heeft voor het geval ze opnieuw voor financieel ongemak komen te staan. De ‘stille’ reserves waar PSV jarenlang op wees als het om financiële problemen ging zijn vrijwel allemaal opgedroogd.

Daarmee neemt de club een groot risico. In het verleden heeft bijvoorbeeld Ajax aangetoond dat je het eigen vermogen razendsnel over de balk kan smijten. Een positief eigen vermogen geeft clubs al snel het idee dat ze maar eens flink moeten gaan investeren in de spelersgroep, niet realiserende dat ze, mocht de gemeente niet meer willen bijspringen, een faillissement riskeren.

Ook in het kader van de Financial Fair Play, die de UEFA wil invoeren, is het nog maar de vraag of PSV de juiste keuze heeft gemaakt. Verkapte staatssteun wordt in die kringen namelijk niet bepaald gewaardeerd, al is op deze deal van PSV waarschijnlijk weinig aan te merken. De leningen die ze ontvangen van Philips en enkele investeerders zijn des te risicovoller. Een grote schuldenlast kan namelijk lijden tot uitsluiting van Europees voetbal.

Saneringsplan

Gelukkig ontbreekt het de directie van PSV niet aan enige realiteitszin en hebben ze ook een saneringsplan voorgesteld. Om het structurele tekort van twintig miljoen per seizoen (!) te dichten, wil de club de inkomsten structureel laten stijgen met tien miljoen en de uitgaven met datzelfde bedrag laten dalen. Los van de vraag waarom de club jarenlang tien miljoen extra inkomsten heeft laten liggen en verzuimd heeft te besparen, is dit natuurlijk een goed initiatief.

Aan de inkomenszijde heeft men met behulp van een extra shirtsponsor en de verhoging van de steun van andere sponsors inmiddels een stijging bereikt van vijf miljoen euro per jaar. Waar de overige vijf miljoen vandaan mag komen mag Joost weten, maar waarschijnlijk zijn het de hondstrouwe supporters die ervoor op mogen draaien. Gezien het feit dat de inkomsten uit seizoenskaarten afnemen, is het nog maar de vraag of de club dit daadwerkelijk kan bewerkstelligen.

De bal ligt bij de supporters

De bal ligt bij de supporters

Bij de uitgaven staan de bezuinigingen beter beschreven. Vier miljoen euro wordt bespaard op spelersuitgaven, twee op financiering en overige kosten en vier miljoen door wijzigingen in de organisatie. Hierbij wordt het aantal arbeidsplaatsen met veertien verminderd, hetgeen zo maximaal mogelijk via natuurlijk verloop en aflopende contracten zal gebeuren.

Eerste noot is direct dat de bezuinigingen op de spelersgroep erg minimaal zijn. PSV had het afgelopen seizoen een omzet van 52 miljoen en gaf hiervan een slordige 33 miljoen uit aan spelerssalarissen. Boven de door de KNVB gestelde grens van zestig procent dus. Bezuinigingen zijn hier dus noodzaak, maar PSV houdt het bij vier miljoen, waardoor het slechts terugkomt op het niveau van het seizoen 2008/2009, waarin de club ondanks dat ze 26 miljoen euro ontvingen via Europees voetbal slechts een minimale winst boekten.

De maatregelen blijven beperkt tot een salarisplafond en het terugdringen van de premies. Verstandiger zou het zijn te werken met een flink premiestelsel en de basissalarissen terug te dringen. Hierdoor verdienen de spelers goed op het moment dat er Champions League gehaald wordt, terwijl er bij het missen van het toernooi niets aan de hand is.

Na een landskampioenschap is het financieel niet risicovol een premie uit te keren

Na een landskampioenschap is het financieel niet risicovol een premie uit te keren

Verder wil de club twee miljoen besparen op financiering en overige kosten. Een hele opgave aangezien er jaarlijks slechts vijftien miljoen uitgaat aan deze kosten. Een groot deel hiervan zit in wedstrijdkosten en reis/verblijfskosten (vijf miljoen), waarop amper bespaard kan worden. Een overige vier miljoen zit hem in de huisvestingskosten, een bedrag dat ook al jaarlijks gelijk blijft en waarop niet of nauwelijks bezuinigd kan worden. Blijft een klein bedrag van zes miljoen over, dat voornamelijk zit in commerciële en kantoorkosten, waarop er dus twee miljoen bespaard gaat worden. Ergens bekruipt mij het gevoel dat ons door PSV gebakken lucht verkocht wordt.

De overige vier miljoen wil PSV bereiken door wijzigingen in de organisatie. Daarvoor moeten veertien van de 94 werknemers van de club gaan sneuvelen. Je reinste symboolpolitiek. PSV was, doordat de RvC afzag van zijn bonus (bijna een miljoen euro (!)), het afgelopen boekjaar nog geen vierhonderdduizend euro kwijt aan personeelskosten. Een groot deel hiervan ging ook nog eens naar bestuurders in hoge functie. Veel zoden zet deze beslissing dus niet bepaald aan de dijk. Steker nog: als de RvC komend seizoen gewoon weer zijn bonus accepteert, heeft PSV er weer een kostenpost bij van een miljoen.

Waar het geld wel vandaan moet komen is onduidelijk. Er zal weliswaar iets minder afgeschreven moeten worden op de materiële vaste activa, maar dit bedrag is niet aanzienlijk. Tevens zou PSV er waarschijnlijk niet in slagen de kostprijs van de omzet te verlagen, gezien het feit deze op dit moment zo’n 3.5 miljoen bedraagt. De rente die PSV betaalt zal door het afbetalen van de lening van het Philips Stadion wel afnemen, maar daar staat de kostenpost van de nieuwe lening tegenover. Kortom: ook deze zogenaamde besparing lijkt nergens op gestoeld.

De bezuinigingen die wel gedaan worden zijn op zijn minst oliedom te noemen. Zo bezuinigt de club enorm op de jeugdopleiding, terwijl dat in financieel barre tijden juist de levensader van de club zou moeten zijn. De andere bezuiniging komt binnen via een korting van de gemeente op het onderhoud en huur van de accommodaties. Als je enige besparing een verkapte subsidie is, dan moet je jezelf eens achter je oren krabben.

Met Gomes hoopt PSV weer de Champions League te halen

Met Gomes hoopt PSV weer de Champions League te halen

De enige besparing die PSV zou moeten doen is er eentje op de afschrijvingen en vergoedingssommen. Jaarlijks schrijft de club zo’n vijftien miljoen euro af op zijn spelers, voornamelijk ingegeven door een dure transferpolitiek. In 2008/2009 stond tegenover die inkomsten een minimale inkomstenbron van circa vier miljoen euro uit transfers. Dit is een gat in de begroting dat gedicht zou moeten worden, maar er wordt bij PSV geen woord over gerept. Sterker nog: ze zijn alweer bezig met nieuwe aankopen. Gomes, Stijn Schaars, Mounir El Hamdaoui en Georginio Wijnaldum worden genoemd in het geruchtencircuit.

Hoewel de plannen op het eerste gezicht erg mooi zijn lijkt PSV hier één groot luchtkasteel te verkopen. Men wil saneren, maar probeert hierbij de grootste kostenpost (de spelers) te ontzien. Natuurlijk kan PSV niet per volgend seizoen acht a tien miljoen terug in de spelerskosten, maar de intentie uitspreken zou al heel wat zijn.

Aan spelerspolitiek (afschrijvingen en spelerssalarissen) is men namelijk ieder jaar 48 miljoen euro kwijt. Op een omzet van 52 miljoen is dat een zeer ongezond bedrag. Er wordt echter slechts een bezuiniging van vier miljoen aangekondigd. Op de overige 25 miljoen euro wordt ondertussen zes miljoen ‘bespaard’. Een andere indeling was logischer geweest. PSV is niet door veertien anonieme werknemers in de problemen gekomen, maar door het mislukte spelersbeleid. Het handelen van Tiny Sanders valt in dit kader dan ook geenszins te begrijpen.

Alternatief

PSV had in plaats van gaten met gaten dichten en een flinke portie symboolpolitiek ook daadwerkelijk kunnen proberen een andere weg in te slaan. Ze hadden net als Borussia Dortmund ervoor kunnen kiezen flink te snijden in de spelersgroep en sportief even wat terug te vallen. Om er daarna weer financieel gezond en sterker dan ooit bovenop te komen. Dan had Sanders pas echt de credits van de PSV-fans verdiend.

Conclusie

Hoewel de deal met de gemeente een godsgeschenk lijkt voor alle partijen, blijkt niets minder waar. Zowel PSV als de gemeente wordt op de lange termijn niet beter van de deal. Het dient er slechts voor om de club uit Eindhoven op de korte termijn uit een kritieke situatie te helpen. De zogenaamde saneringsplannen zijn ondertussen vooral gebaseerd op drijfzand. PSV schiet met deze financiële injectie uiteindelijk helemaal niets op. Het is de laatste noodgreep om ze van de financiële ondergang te redden. PSV is als een kettingroker met COPD die zich keer op keer laat behandelen in het ziekenhuis en teert op medicatie. Het beste middel blijft echter stoppen met roken en dat is wat PSV ook zou moeten doen.

Foto’s via: Nos.nl

About Pieter Zwart

Pieter is naast eindredacteur bij Catenaccio ook bureauredacteur bij Voetbal International. Hij is al vanaf het begin betrokken bij Catenaccio. Pieter richt zich vooral op financiële en tactische analyses, maar schrijft ook andere onderzoeksartikelen. Volg Pieter op Twitter | Meer artikelen van Pieter