Past Jol wel in het rijtje?

De eerste competitieronde is gespeeld en eigenlijk is het nog te vroeg voor conclusies. Het is ook niet voor niets dat de eerste speelronde vooral vragen bij me heeft opgeroepen in plaats van antwoorden. Eén van die vragen is: past Martin Jol wel in het rijtje succestrainers van Ajax? Jack Reynolds, Rinus Michels, Johan Cruijff, Louis van Gaal en dan Martin Jol? Ik weet niet of het wel past, of hij er tussen hoort, of hij Ajax grote successen kan brengen. Maar voordat je erover kan oordelen is het eerst belangrijk om te kijken naar het profiel, het totaalplaatje. Wie of wat maakt je tot een succesvolle trainer bij Ajax? Een zoektocht door de historie, het heden en de toekomst van Ajax is de enige manier om hier achter te komen.

Jol won zijn eerste wedstrijd als Ajax-trainer.

Jol won zijn eerste wedstrijd als Ajax-trainer.

Op het moment dat Ajax opgericht werd, was het nog een kleine, chaotische club. Structuur was niet of nauwelijks te vinden bij de prille club en er was zelfs niet een echte oefenmeester. Ajax was stuurloos. De eerste man die daaraan een einde mocht gaan maken was John Kirwan. De Ier was nog totaal onervaren in het trainersvak, hij was in de zomer van 1910, toen hij bij Ajax werd aangesteld, pas net gestopt met voetballen. Ajax was echter maar al te blij dat ze iemand uit het voetbalwalhalla naar Ajax hadden gehaald en de club hoopte dat ze met een voetballer, die zelfs in de Premier League gespeeld had, naar de Nederlandse top konden doorstoten. Hij probeerde weliswaar wel met het klassieke Engelse kick and rush systeem, met de daarbij behorende WM-formatie een nieuwe dimensie toe te voegen aan Ajax, maar hij kreeg het niet echt voor elkaar.

In 1915 werd hij dan ook opgevolgd door Jack Reynolds, weer iemand uit het grote Engelse voetbal, en dit keer zelfs een echte Engelsman. In tegenstelling tot Kirwan was Reynolds erg goed met het trainingsvak bezig. Tijdens zijn tour, als speler, door Engeland, waarin hij zeven clubs aandeed, en tijdens zijn trainersavontuur in Zwitserland, had hij veel ervaring opgedaan. Zijn uitstekende prestaties in Zwitserland deed Duitsland zelfs besluiten hem bondscoach te maken voor de zomerspelen van 1916. De eerste wereldoorlog gooide echter roet in het eten. Plots was de succestrainer Reynolds werkloos.

Het Ajax van Reynolds

Het Ajax van Reynolds

De eerste wereldoorlog is eigenlijk de mazzel van Ajax geweest, want het is nog maar de vraag of Ajax zonder die oorlog ooit de grote club was geworden, die het was en nog steeds is. Door de oorlog besloot Engelsman Reynolds, die dus coach was van Duitsland, uit te wijken naar het vrije Nederland. Waarop die keuze gebaseerd was, zal ik nooit weten, maar ik veronderstel dat hij niet zijn eigen ruiten wilde ingooien. Een keuze voor Engeland of Duitsland zou er namelijk voor zorgen dat hij, als de oorlog voorbij was, nooit meer in één van die landen terecht zou kunnen. Al is het natuurlijk altijd een fijn gevoel om je in neutraal gebied te begeven in een wereldoorlog.

Even terug naar de kern van de zaak. Succestrainer Reynolds trok naar Nederland en het ambitieuze Ajax zocht nog een trainer. Eén plus één was twee en Reynolds begon aan een nieuwe grote uitdaging in zijn carrière. Op het moment dat hij bij Ajax aankwam, moet hij echter wel geschrokken zijn. Ajax was namelijk in alles één grote puinhoop. Het voetbal was weliswaar nog lang niet zo groot als het nu is, maar Ajax was werkelijk één grote puinzooi. Aan tactische besprekingen werd niet gedaan, er werd één keer per week getraind en van een fatsoenlijke accommodatie was geen sprake. Dit was het moment waarop Reynolds voor het eerst liet zien waarom hij een toptrainer voor Ajax was.

rijtje3

In plaats van simpel door te gaan op de oude weg, liet Reynolds zijn eigen visie los op de club en behield hij het goede van Ajax. Ajax was namelijk een ambitieuze club die het altijd ambieerde om attractief voetbal te spelen. Dat de rest van de club een puinzooi was weerhield Ajax er niet van om al enkele fameuze prijzen binnen te slepen. Reynolds was niet achterlijk en hij bouwde op de twee fundamenten van Ajax, ambitie en aanvallend voetbal, een grote voetbalclub. Er werden extra avondtrainingen ingelast, hij bracht discipline in het ongeorganiseerde spel en introduceerde als één van de eerste trainers krachttraining. Daarnaast onderscheidde Reynolds zich door zijn stempel te drukken op de Amsterdamse jeugdopleiding. Het is een Engelsman die de grondlegger is van de fameuze Ajax-opleiding, Jack Reynolds.

Het succes kon dan ook niet uitblijven. Onder Reynolds’ leiding won Ajax voor het eerst de KNVB Beker, daarnaast werd Ajax voor het eerst afdelingskampioen en Ajax werd zelfs voor het eerst landskampioen. Ook legde het beslag op enkele kleinere prijzen zoals de gouden meerbeker, de AROL beker en het gouden kruis. Reynolds deed dit niet allemaal in één seizoen. Nee, de Engelsman had tijd nodig om aan het succes te kunnen werken. Die tijd kreeg hij van Ajax in overvloed en zo was hij van 1915 tot 1925, van 1928 tot 1940 en van 1945 tot 1947 werkzaam bij Ajax. In 1919 was hij voor het gemak voor één duel bondscoach van Nederland, 3-1 winst op Zweden en van 1925-1928 hoofdtrainer bij rivaal Blauw Wit, een trekje waar ook latere succesvolle Ajax-trainers last van zullen hebben. Van 1940 tot 1945 was Reynolds minder vrijwillig weggegaan bij Ajax. Hij was namelijk door de Duitsers afgevoerd naar een concentratiekamp in Polen, gelukkig overleefde Reynolds dit echter en hij kon nogmaals twee jaar aan de slag bij zijn lievelingsclub. Ook in 1950, op 69-jarige leeftijd, was Reynolds niet te beroerd om nog even als interim-trainer op de bank te zitten. In 1962 overleed Reynolds op 81-jarige leeftijd in zijn geliefde Amsterdam.

Gymnastiekleraar Michels werd plotseling hoofdtrainer.

Gymnastiekleraar Michels werd plotseling hoofdtrainer

Na het vertrek van Reynolds in 1947 stond Ajax voor de moeilijke taak een nieuwe trainer te vinden, die ook maar een klein beetje in de schaduw van de succesvolle Reynolds mocht staan. Er kwamen zelfs negen hoofdtrainers, waarvan Vic Buckingham tweemaal hoofdtrainer was, en drie interim-trainers aan te pas voordat Ajax eindelijk weer een nieuwe succestrainer wist te vinden. Ook dat is een verhaal dat constant terugkeert in de Amsterdamse historie. Na het vertrek van een toptrainer is het altijd een stormloop van passerende trainers, voordat er plots weer een nieuwe succestrainer opstaat. Dit gebeurde ook in 1965, toen de redelijk onervaren Rinus Michels de eerste echte Nederlandse hoofdtrainer werd van Ajax.

Het onbevangene, wat eerder Reynolds ook al had, is ook één van de eigenschappen die de succesvolle trainers allemaal bezaten. Op het moment dat ze bij Ajax in dienst traden, hadden ze namelijk nog maar heel weinig ervaring. Dit gold ook voor Michels, die slechts werkzaam was geweest bij Jos en AFC. Ook was Michels schoolmeester en vroeger had hij nog bij Ajax gespeeld. Michels was een positioneel sterke spits, die aardig veel scoorde en zelfs vijfmaal meedeed in het Nederlands elftal, maar in die wedstrijden nooit het doel vond. Al met al had Michels, op het moment van zijn aantreden, nou niet echt de garantie bij zich voor succes.rijtje5

Toch werd zijn komst het grootste succes dat Ajax ooit kende. Toen Michels bij Ajax aantrad, was de club namelijk weer één grote slangenkuil en Ajax bungelde ergens onderaan in de Eredivisie. Mede dankzij de lessen van Reynolds, onder wie Michels twee jaar speelde, kon hij van Ajax weer een gestructureerde club maken. De persoonlijke ervaring met de vorige succestrainer is ook een patroon dat constant terug lijkt te komen in de historie van Ajax. Afijn, Michels maakte van Ajax dus, met de volledige steun van het bestuur, een echte profclub. Tot die tijd was Ajax namelijk een semiprofessionele club, waarbij bijna niets klopte.

Michels, die bij het paradijs van AFC vandaan kwam, schrok zich dan ook totaal rot toen hij de chaos rond De Meer aantrof. Was dit het gerenommeerde Ajax waarvoor hij vroeger had gespeeld? Nee, dat was het niet meer. Dus was er werk aan de winkel voor de Generaal. Michels verbeterde meteen het jeugdcomplex en de trainingsaccommodatie. De spelers moesten fullprof worden, zodat Michels tweemaal per dag met zijn spelers kon trainen. Daarnaast kwam discipline weer hoog in het vaandel te staan. Kortom: de herintrede van de methode-Reynolds. Michels voegde daar echter zijn eigen visie aan toe. Hij huurde bijvoorbeeld als één van de eerste trainers ter wereld, of misschien wel als eerste, specialisten in. Zo kwam er naast een fysiotherapeut ook een looptrainer, een techniektrainer, een psycholoog en ga zo maar door. De dingen die nu amper meer weg zijn te denken uit het hedendaagse voetbal, zijn door Michels uitgevonden.

Daarbij had Michels ook nog eens zijn eigen visie op tactiek ontwikkeld. De klassieke WM-formatie werd overboord gegooid en de eigenwijze Michels ging 4-3-3 spelen. Dat ging gebeurde echter in hele kleine stapjes. De links- en rechtsbinnen werden van pure aanvallers middenvelder, waardoor er een driemansvoorhoede ontstond. Eén van de middenvelders ging achter de verdediging spelen en werd ‘libero’. Vervolgens werd de overgebleven middenvelder wat naar voren geschoven en het eerste 4-3-3 systeem was ontstaan. Doordat Cruijff echter teveel schoppen en ondankbare ballen moest ontvangen, besloot Michels weer een man naast Cruijff in de voorhoede te zetten. Het was de Roemeen Kovacs die de spits naast Cruijff weghaalde, maar niet zijn vrije rol en zo een meer beweegbare 4-3-3 creëerde.

Kovacs liet meer aan zijn spelers over dan Michels

Kovacs liet meer aan zijn spelers over dan Michels

Toch wordt Kovacs, ondanks  dat hij twee keer Ajax naar de Europa Cup I leidde, geen echte succesmanager van Ajax te noemen. Natuurlijk boekte hij hele goede prestaties, maar hij deed niet meer dan wat zijn spelers wilden. Kovacs was de marionet van de spelers. Niet hij was de baas, maar de spelers waren de baas. Nee, dat was bij Michels nooit gebeurd. Hij was altijd de absolute baas en hij stond ver boven de groep, wat een bewuste keuze was omdat hij niet hard genoeg kon zijn in zijn beslissingen, als hij een te goed contact had met sommige spelers. Het gewenste succes bleef niet uit. Vier keer werd hij landskampioen, driemaal won hij de beker en als kroon op zijn werk volgde de Europa Cup I. Met zijn unieke werkwijze, zijn ijzeren discipline en zijn originele spelsysteem en opvatting, had hij van Ajax de beste club ter wereld gemaakt.

Er zouden vele jaren overheen gaan voordat er weer iemand kwam, die het succes van Michels kon evenaren. Tien verschillende trainers, waaronder Michels zelf (!), konden niet meer het succes van weleer terugvinden en Ajax was een slapende vulkaan. Het was wachten op de juiste man die volgens de ouderwetse Ajax-werkwijze weer nar de Europese top kon komen. Met de eigenschappen die een Ajax-trainer moet bezitten, discipline, puur professionalisme, revolutionair durven te zijn, een eigen visie op voetbalstrategie en tactiek, ervaring met de Ajax-werkwijze en onbevangenheid, kon het niet anders dan dat Cruijff de nieuwe succestrainer zou worden.

Ook als trainer hield Cruijff er een eigenzinnige visie op na

Ook als trainer hield Cruijff er een eigenzinnige visie op na

Toch kende Cruijff als hoofdtrainer, of stiekem als technisch directeur, binnen de landsgrenzen nooit grote successen. In zijn eerste seizoen wist Ajax namelijk, ondanks soms oogstrelend spel, zijn titel niet te prolongeren. De KNVB-beker werd wel gewonnen, maar het was niet meer dan een troostprijs. Een seizoen later zou Cruijff Ajax echter wel naar grote successen leiden. Met een nieuwe, en creatievere, invulling van het 4-3-3 systeem werd in Europa furore gemaakt. Daarbij gaf Cruijff de jeugd nieuwe kansen, dacht hij niet aan reputaties en nam hij nog maar een keer de jeugdopleiding onder handen. Het resultaat mocht er zeker zijn. Ajax won voor het eerst in zijn geschiedenis de Europa Cup II, werd nog een keer winnaar van de KNVB-beker, maar bovenal stond er een zeer talentvolle lichting klaar. Cruijff had van de chaotische club Ajax weer een club met structuur gemaakt en de jeugdopleiding floreerde weer als in zijn beste dagen. Cruijff had geflikt wat eerder Reynolds en Michels flikten. Als onervaren hoofdtrainer, Cruijff was slechts even aan de slag geweest bij Roda JC, Ajax in alle lagen doen opleven. In 1987-1988 ging het echter totaal mis. Cruijff introduceerde als eerste het aanvallende 3-4-3-systeem, maar door het vertrek van topspelers als Van Basten, moest hij het elftal opnieuw opbouwen. Dit kreeg hij niet echt voor elkaar, mede door een haat-liefde verhouding met het bestuur. In januari 1988 besloot Cruijff de eer aan zichzelf te houden en op te stappen bij zijn jeugdliefde. In zijn visie haalde zijn drie opvolgers op interim-basis, Barry Hulshoff, Bobby Haarms en Spitz Kohn, opnieuw de finale van de Europa Cup II. Ditmaal werd echter verloren van KV Mechelen.

Na Cruijff kwam er een succestrainer die eigenlijk niet volledig in het rijtje past. Bepaalde factoren, die bij het aanstellen van Reynolds, Michels en Cruijff aanwezig waren, kwamen niet voor bij de aanstelling van Louis van Gaal. Zo zaten er maar drie seizoenen tussen de vorige succestrainer, Johan Cruijff, en Louis van Gaal. Hierin stonden echter wel vier verschillende trainers aan de macht. Een andere ontbrekende factor was dat Van Gaal niet de adoratie heeft met zijn vorige succesvolle voorganger. Waar Michels zijn voorbeeld Reynolds volgde en Cruijff zijn leermeester Michels volgde, had Van Gaal juist geen goede band met zijn voorgangers. De brutale Van Gaal vond zichzelf als jong talent beter dan Cruijff en ging waar mogelijk de strijd aan met de superster. Michels dacht er echter niet over om Van Gaal bij het eerste elftal te halen en zo kwam Van Gaal nooit uit in het eerste van Ajax. Iets wat hem altijd dwars heeft gezeten, want Van Gaal was een echte Ajacied.rijtje8

Op het moment dat Leo Beenhakker hem dan ook vroeg assistent te worden bij Ajax, zei Van Gaal, die toen werkzaam was bij AZ, natuurlijk geen nee. In 1991, toen hij bijna drie jaar assistent was, gaf Beenhakker er de brui aan. De jonge hond kreeg van het ambitieuze bestuur een kans en die maakte hij meer dan waar. Terwijl Van Gaal zich altijd heeft verzet tegen de school van Michels en Cruijff, deed hij toch opnieuw hetzelfde wat alle toptrainers bij Ajax als eerste deden, structuur aanbrengen. Op iedere positie binnen de club komt de juiste man te zitten en niets wat er binnen de club gebeurt, gaat meer zonder gedachtegang. De Van Gaal-doctrine is eigenlijk gewoon de Reynolds-doctrine. Niets nieuws onder de zon ogenschijnlijk, maar ook Van Gaal heeft de karaktertrek overal iets van zichzelf in te stoppen.

Dus werd het systeem van Ajax onder handen genomen. De positiewisselingen in het veld zouden leiden tot teveel onrust. Iets waar Van Gaal absoluut niet van houdt. Het wispelturige Ajax-spel, moest opnieuw berekend worden. De oefenmeester bande de risico’s uit, werkte liever met specialisten op bepaalde posities, dan met complete voetballers, waar de Ajax-school tot dan toe vanuit ging. Daarnaast bracht hij enkele basisstrategieën in het voetbal van Ajax. De rechtsback moest al weten wat de linksback gaat doen, op het moment dat die de bal aangespeeld krijgt. Van Gaal maakte van voetbal hogere wetenschap en maakte zo de oude, bijna verjaarde, tactieken weer moderner dan ooit. Michels omschreef het voetbal van het Ajax van Louis van Gaal als circulatievoetbal. De bal in de ploeg houden tot zich in de opbouw een goede mogelijkheid voordoet een aanval te beginnen. Hierdoor is er, in tegenstelling met het ‘totaalvoetbal’ van Michels en Cruijff, minder plaats voor opportunisme en positiewisselingen. Daar staat tegenover dat Ajax uniek was in zijn hoge tempo bij het circuleren zonder dat de bal verloren gaat, en zo altijd toekwam aan aanvalsacties.

Van Gaals legendarische karatetrap

Van Gaals legendarische karatetrap

Ook binnen de club moest alles volgens één systeem gebeuren. Op bepaalde vlakken ging dit echter minder goed. Ajax introduceerde namelijk enkele verschillende salarisplatformen, met oog op het aankomende Bosman-arrest. Er kwamen drie categorieën, maar doordat geen één donkere speler aanvankelijk de kans kreeg om een ‘A-contract’ te tekenen, viel de groep uiteen. Van Gaal zag het met lede ogen aan. Na vele kampioenschappen, een UEFA Cup, een Champions League, een wereldbeker, een Europese Supercup en een verloren Champions League-finale, volgde een dramatisch laatste seizoen bij Ajax, iets wat ook Cruijff overkwam. Van Gaal zat echter wel netjes zijn contract uit, maar moest zonder prijs vertrekken. Zijn erfenis was een lichting topspelers, een nieuw stadion en een duidelijke structuur binnen de club. Toch ging het ook na Van Gaal weer mis.rijtje10

Ajax zoekt namelijk al jaren naar een nieuwe trainer, die van Ajax weer de topclub van weleer kan maken. Ajax ontbrak echter het geduld om een trainer te laten bewijzen, dat hij het predicaat toptrainer waard was. Zo was er de natuurlijke opvolger van Louis van Gaal, Co Adriaanse, die ging kans kreeg zijn werk af te maken. De volgende factoren kunnen namelijk wel op het hoofd van Adriaanse geplakt worden: discipline, puur professionalisme, revolutionair durven te zijn, een eigen visie op voetbalstrategie en tactiek, ervaring met de Ajax-werkwijze en onbevangenheid. Sterker nog: Adriaanse begon zelfs aan zijn klus, zoals ook de vorige toptrainers dat hadden gedaan. Hij bracht structuur aan, durfde overbodige spelers de deur te wijzen en gaf de jeugd de kans. Leo Beenhakker, de man die zijn vriend Van Gaal nog de kans had gegeven hoofdtrainer te worden, betekende echter zijn ondergang. Na een jaar van bouwen had Adriaanse namelijk een topteam staan bij Ajax. Ondanks de koppositie moest Adriaanse echter, onder grote druk van de media, de mensen die tegen zijn werkwijze waren en door de strop van Beenhakker, zijn biezen pakken. Ronald Koeman ging vervolgens met de eer strijken van het werk van Adriaanse. Het zegt echter wel wat over de visie van Adriaanse dat zo’n zes spelers van de selectie van het Nederlands elftal doorbraken, of er echt dicht tegenaan zaten, onder zijn hoede.

Ook Danny Blind, Marco van Basten, en in mindere mate Ronald Koeman, kregen ondanks het bezitten van vele van de benodigde eigenschappen van een Ajax-trainer, nooit echt de kans om het waar te maken. Zij bleken niet meer dan voorbijgangers in de ruime historie van Ajax-trainers. Nu is dan Martin Jol de man aan wie de ondankbare taak is gesteld, zich te nestelen in de voetsporen van zijn illustere voorgangers. Nu ik de historie onder de loep heb genomen, daar parallellen in getrokken heb en daarvan uit het heden ga bekijken, hoop ik een stukje de toekomst in te kunnen kijken. Wordt Jol een illustere naam in de Ajax-historie of is hij gewoon één van de vele passanten?

Jol nam de boel meteen onder handen

Jol nam de boel meteen onder handen

De omstandigheden waarin Jol binnenkomt voorspellen alvast veel goeds. Ajax was weer één puinhoop geworden en wil onder leiding van een nieuw bestuur en een sterke trainer weer rust creëren. Jol maakte daarin alvast enkele stappen door de trainingen te verplaatsen naar ‘De Toekomst’ en waar nodig besloten trainingen in te lassen, iets wat ook Michels, Cruijff en Van Gaal wel eens deden. Maar als je naar het lijstje van benodigde eigenschappen kijkt, discipline, puur professionalisme, revolutionair durven te zijn, een eigen visie op voetbalstrategie en tactiek, ervaring met de Ajax-werkwijze en onbevangenheid,  dan lijkt op het eerste gezicht Jol toch wat tekort te komen.

De ijzeren discipline, daar beschikt Jol wel over. Hij was zelf een voetballer die het moest hebben van zijn werklust en eist ook van zijn spelers altijd de volledige inzet. Ook bij het inbrengen van rust en professionalisme heeft Jol al de nodige ervaring en hiervoor is hij dan ook meer dan geschikt. Jol heeft zelfs al bewezen dat hij revolutionair durft te zijn, dat hij onbevangen de strijd ingaat, Jol kijkt niet naar reputaties, en Jol heeft ook een eigen visie op tactiek en durft zelfs 4-4-2 te gaan spelen. Toch lijkt juist die keuze zijn ondergang te kunnen worden, het is namelijk in strijd met de Ajax-werkwijze, waarmee hij bekend hoort te zijn. Ajax leidt namelijk al vanaf de jeugd jongetjes op in een bepaald systeem, 4-3-3. Juist dat is de kracht van de jeugdopleiding gebleken in al die jaren. Als een speler van de B-jeugd naar de A ging, dan was dat nooit het probleem. Behalve een andere trainer, andere medespelers en sterkere tegenstanders, veranderde er namelijk niets. Zo kon de jeugd razendsnel doorstromen naar het eerste elftal en daar binnen de kortste keren worden ingepast, tenminste als het talent aanwezig was.rijtje12

Een eventuele keuze van Jol voor het 4-4-2-systeem kan dit hele proces vertragen en daarmee zou hij de levensader van Ajax afsnijden. In de eerste wedstrijd startte Jol gelukkig wel in het 4-3-3-systeem, al zal hij het zelf misschien 4-4-2 willen noemen. Wie de finale van 1972 bekijkt en vervolgens de wedstrijd van Ajax in Groningen, zou echter zweren dat ze daar hetzelfde systeem speelden. Nou is het aan Jol om op de lijn, die tegen FC Groningen is ingezet, voort te borduren. Aan het klassieke Ajax-systeem voegt hij meer defensieve zekerheid toe, waardoor de aanvallers nog vrijer kunnen zijn in hun acties. Het zou een logische stap zijn in de ontwikkeling van Ajax, maar Jol moet het wel zien. Af en toe een keer 4-4-2 spelen is niet erg, maar als Jol alsnog structureel voor 4-4-2 kiest, dan gaat het sowieso mis. Jol staat nu voor het kruispunt. Kiest hij voor een geleidelijke weg terug naar de eenzame top in Nederland of gaat hij met 4-4-2 voor het succes op de korte termijn? Het zou heel aanlokkelijk zijn om in het huidige voetbal voor de tweede optie te kiezen, maar voor Ajax, en het gehele Nederlandse voetbal, zou het verstandiger zijn optie één te kiezen. Vergetelheid of eeuwige roem, ik zou het zelf wel weten. Maar misschien snijdt Jol liever Ajax’ levensader door.

Reblog this post [with Zemanta]

About Pieter Zwart

Pieter is naast eindredacteur bij Catenaccio ook bureauredacteur bij Voetbal International. Hij is al vanaf het begin betrokken bij Catenaccio. Pieter richt zich vooral op financiële en tactische analyses, maar schrijft ook andere onderzoeksartikelen. Volg Pieter op Twitter | Meer artikelen van Pieter