Niemand denkt aan Erik Pieters

Hij had het zich allemaal anders voorgesteld toen hij dansend door de Kuip liep na afloop van de bekerfinale. Nog even de Champions League halen met PSV en dan direct door naar het EK. Met een beetje geluk zou hij dat bekertje mee naar huis nemen en dan: heerlijk achterover leunen. Erik Pieters, linksback van de Europees Kampioen. Daarmee kan zijn zaakwaarnemer wel een leuk contract scoren in een Europese topcompetitie. Een zomer om nooit te vergeten.

Erik Pieters, de eeuwige nummer veertien van PSV

Nu het zover is, zit hij thuis op de bank. In Voetbal International bekende Pieters gehuild te hebben toen hij hoorde dat hij het EK niet ging halen. Vervolgens steekt hij een monoloog van vier pagina’s af, met als enige conclusie: het was pure pech. Gelukkig wisten ervaren spelers als Bouma, Van Bommel, Ooijer en Boulahrouz hem te vertellen dat er nog meer kansen kwamen. Daar zat wel wat in, vond Pieters.

Althans, dat zei hij. Diep in zijn hart moet het anders zijn. Hij weet ook hoe opportunistisch de voetballerij is. Toen dat pleurisjochie dat van Sparta kwam één potje aardig speelde, was hij bij PSV al vergeten en nu ging dat rotjoch ook nog het Nederlands elftal in. Zul je altijd zien. Speelt hij straks een aardig wedstrijdje tegen Dennis Rommedahl, die zich nog net niet met een rollator op het veld voortbeweegt, en dan roept heel Nederland dat hij de ideale linksback is voor Oranje.

Een paar weken eerder was hij dat nog. Onbetwist. De linksback van PSV en van het Nederlands elftal. Willems hield het bankje warm en mocht invallen, als Pieters wat moe begon te worden. Een kleine portie pure pech later is Willems het grote talent en ligt hij thuis op de bank.
Volgend seizoen wordt dan pas echt een ramp. Zo ben je de linksback van Oranje en zo zit je links op de bank bij PSV. Niemand ziet je meer staan. Niemand kent je meer. Niemand praat nog over je. Niemand mist je. Eén noodlottig blessuretje en je bent plots ‘mister nobody’.

De nachtmerrie is voor Pieters langzamerhand realiteit aan het worden. Overal wordt volop gediscussieerd over de defensie van Oranje, maar nooit valt meer zijn naam. Ja, Mathijsen, daar heeft het hele land het over. De heilige Joris Mathijsen. O, wat wordt die gemist en wat hoopt heel Nederland dat hij het duel met Duitsland praat. Maar over Erik Pieters heeft niemand het meer. Gepasseerd station. Letterlijk en figuurlijk.

Ik ga Nederland-Denemarken daarom kijken met Erik Pieters in mijn achterhoofd. Puur vanwege de strijd die zich gedurende de wedstrijd in zijn hoofd moet afspelen. Aan de ene kant het duiveltje, dat hoopt op een gruwelijke blunder van Jetro Willems, maar aan de andere kant dat engeltje, die zijn elftal alle succes van de wereld (in dit geval Europa) gunt. Een intrigerend gevecht in het achterhoofd van Pieters.

Ik voorzie een overwinning voor het duiveltje. Stiekem hoopt Pieters op een ongelofelijke fout van Willems in deze wedstrijd en één van Schaars in de volgende. Dat zou betekenen dat Wilfred Bouma in de derde wedstrijd Cristiano Ronaldo moet afdekken. Heel Nederland zou schreeuwen om Erik Pieters en hij zou eindigen in het lijstje met grote afwezigen op een eindtoernooi. Johan Cruijff en Willem van Hanegem in 1978, Ruud Gullit in 1994 en Erik Pieters in 2012. Tegen dat rijtje zegt zelfs het engeltje geen nee.

About Pieter Zwart

Pieter is naast eindredacteur bij Catenaccio ook bureauredacteur bij Voetbal International. Hij is al vanaf het begin betrokken bij Catenaccio. Pieter richt zich vooral op financiële en tactische analyses, maar schrijft ook andere onderzoeksartikelen. Volg Pieter op Twitter | Meer artikelen van Pieter