Mourinho’s gevaarlijke spel met Barcelona

Real Madrid en José Mourinho zijn ruim een jaar aan elkaar verbonden. In die tijd behaalden ze met elkaar meer successen dan in recente seizoenen. Mourinho kan dus ook in Madrid  als een succescoach worden gezien. Er is echter één plaag die als een schaduw over de Portugees hangt. Die plaag heet Barcelona, en bij het horen van die naam verandert de anders zo innemende Mourinho in een kleuter die zijn dagelijkse snoepje niet gekregen heeft. Het wrok richting zijn oude werkgever zorgt ervoor dat de trainer een gevaarlijk psychologisch spelletje speelt. Wat begon als ontluikende liefde, is verworden tot blinde haat.

Ontluikende liefde
In 1996 wordt Sir Bobby Robson aangesteld als nieuwe hoofdtrainer van FC Barcelona. De Catalanen zien in hem de ideale trainer om het Dream Team van Johan Cruijff een vervolg te geven. José Mourinho gaat met de Engelsman mee, als vertaler en persoonlijke vertrouweling. Hij maakt zich het Catalaans eigen, scout de tegenstander en houdt zich bezig met verdedigende instructies. Robson en Mourinho complementeren elkaar in deze periode als de coaches uit het Amerikaanse sportsysteem; De Engelsman is verantwoordelijk voor het aanvallende aspect in het spel van Barcelona, terwijl de Portugees zich opwerpt als verdedigende specialist. Die combinatie zorgt ervoor dat Barcelona de Europacup II op haar naam schrijft.

José Mourinho is in 1997 na een jaar in Barcelona uitgegroeid tot een belangrijk lid van de technische staf. Zo belangrijk zelfs, dat hij formeel promoveert van vertaler naar de functie van assistent manager. De inmiddels vertrokken Robson wordt opgevolgd door Louis van Gaal, die evenals Robson een aanvallende voetbalstijl hanteert. Ook deze combinatie wordt een succes, dankzij de overeenkomstige persoonlijkheden van de twee. Van Gaal ziet de potentie van Mourinho en laat hem het tweede elftal coachen, alsmede vriendschappelijke duels van het eerste elftal. De liefde voor FC Barcelona bij Mourinho is op dat moment merkbaar in elk perspraatje dat hij mag houden.

In 2000 wordt Louis van Gaal na een onrustige periode ontslagen als trainer van FC Barcelona. Zijn assistenten verklaren zich solidair met de Nederlander, en Mourinho vindt onderdak in thuisland Portugal, bij Benfica. Daar ontwikkelt hij zich, met het advies van leermeesters Robson en Van Gaal, tot manager. Zijn liefde voor FC Barcelona bekoelt echter niet.

Zwart zaad
Dat alles verandert in 2005, wanneer Mourinho voor het eerst terugkeert in Barcelona. Als manager van Chelsea neemt hij het in de Champions League op tegen zijn voormalige werkgever. De Portugees heeft zin in het weerzien, maar komt van een koude kermis thuis wanneer Chelsea op de luchthaven aankomt. Fans van Barcelona hebben de Engelsen opgewacht, en provoceren de selectie, maar in het bijzonder Mourinho. ‘Traductor! Traductor!’ schreeuwen ze, daarmee verwijzend naar de functie van vertaler die Mourinho onder Robson bekleedde. De coach is zichtbaar aangeslagen door deze verwensingen. Hij, die FC Porto en Chelsea naar successen leidde, wordt door deze supporters gekleineerd. De liefde voor Barcelona is plotsklaps niet meer. In de nasleep van het duel maakt Mourinho zich ongelofelijk boos over de manier waarop de scheidsrechter beïnvloed is door de thuisploeg en trainer Frank Rijkaard. De rook komt haast uit zijn oren.

Incidenten
Vanaf die ontmoeting is alles wat met Barcelona te maken heeft de gezworen vijand voor Mourinho. De return wordt een zwaarbevochten 4-2 overwinning voor Chelsea, maar naderhand in de catacomben lopen de gemoederen hoog op. Mourinho viert het succes uitgebreid, tot groot ongenoegen van Barça-coach Rijkaard. Het is deel één van een reeks incidenten tussen Mourinho en Barcelona.

In 2006 laat de Portugese coach het veld op Stamford Bridge volstrooien met zand voor de return in de Champions League.  Zo kan Barcelona de bal minder snel rond laten gaan. Het heeft helaas niet het gewenste effect. Barcelona wint, met een weergaloze Messi, met 1-2. Na de wedstrijd is er commotie rondom de vroege rode kaart van Asier Del Horno, die Mourinho als overdreven en zwaar onterecht bestempelt.

Het duurt tot 2010 voordat Mourinho en Barcelona wederom in een knockoutfase tegenover elkaar staan. In de heenwedstrijd van de halve finale om de Champions League wordt Barcelona bij vlagen overklast door het Inter Milan van de Portugees. Hij bestrijdt Barcelona in deze wedstrijd op een manier die juist Barcelona eigen is, en krijgt daarvoor diverse lofuitingen uit de nationale en internationale pers. De return in Spanje krijgt meteen een vervelende wending voor het team van Mourinho, door een zware rode kaart voor Thiago Motta, vroeg in het duel. In de resterende tijd is het tiental van Inter aangewezen op verdedigen, en dat doen ze dan ook met man en macht. Mourinho is zoals altijd druk gebarend aanwezig aan de zijlijn. Als Zlatan Ibrahimovic op het punt staat om in te vallen bij de thuisploeg, klopt Mourinho op de rug van Barcelona-trainer Guardiola en zegt hij wat tegen hem en zijn voormalige pupil. Het heeft effect, Zlatan raakt vrijwel geen bal goed.

Na het laatste fluitsignaal sprint Mourinho met de wijsvingers in de lucht over het veld. Hij wil aan iedereen in Barcelona laten zien dat hij wel degelijk meer is dan een vertaler, en eist zijn moment van glorie. Het zaadje dat in 2005 is geplant, komt hier tot volle bloei.

Dit gedrag verergert als de coach aangesteld wordt als nieuwe trainer van Real Madrid, de eeuwige aartsrivaal van Barcelona. Mourinho heeft zijn zinnen gezet op een overmeestering van Barcelona, en niets of niemand kan hem daarbij tegenhouden. Zelfs al betekent dat een verloochening van de Madrileense aanvallende speelstijl, zoals tijdens de tweede competitieontmoeting in het eigen Bernabeu. Madrid verdedigt met man en macht, countert dat het een lieve lust is. Toch moet het de wonden likken als Barcelona op 0-1 komt, en Real met tien man verder moet. De Madrilenen knokken echter terug. De 1-1 eindstand is voor Mourinho aanleiding te zeggen dat Real de morele winnaar is. Daarnaast sijpelt ook zijn woede door naar de pers, door een cynische opmerking rondom de rode kaart van Raul Albiol. Hij kan zich niet meer herinneren wanneer hij tegen Barcelona wel met elf man is geëindigd. Het is de opmaat naar een reeks opstootjes.

Johan Cruijff, alom bekend in Catalonië en daarbuiten, noemt Mourinho een “trainer die gaat voor de winst, niet voor het voetbal.” Het is een prikkel, een benaming die Mourinho met open armen aanneemt,  in aanloop naar de bekerfinale tussen Real Madrid en Barcelona.

In die bekerfinale gaat Mourinho rustig verder met het metselen van een Madrileense muur, waardoor de ontmoeting ontsierd wordt door overtredingen en er nooit echt verzorgd voetbal wordt gespeeld. In een desondanks spannende wedstrijd scoort Cristiano Ronaldo in de verlenging het winnende doelpunt. Na het laatste fluitsignaal is Mourinho ingetogen. Hij beperkt zich tot het vieren van het succes met zijn selectie en technische staf. Naderhand werpt hij de frustraties van zich af. Tegen de pers verklaart hij: “Iemand noemde mij laatst  een trainer die gaat voor de winst, en niet voor het voetbal. Daar houd ik van. Ik houd ervan om een trainer te zijn die wint. Dankjewel voor het compliment.” Zijn actie zorgt voor een stortvloed aan commentaren vanuit Catalonië.

In het eerste duel om de halve finale van de Champions League in 2011 komt Real in eenzelfde defensieve stelling op het veld. De messen zijn geslepen, en dat resulteert in een aantal flinke overtredingen, maar ook in overdreven provocaties van tegenstander Barcelona. Dat komt Mourinho op felle kritiek te staan, niet alleen vanuit de supporters van Real Madrid, maar ook vanuit de internationale pers. Mourinho besteedt zelf echter meer aandacht aan de in zijn ogen onterechte rode kaart voor Pepe, die het duel ten faveure van FC Barcelona doet keren en de inleiding is voor een 0-2 verliespartij. Hij wordt er door zijn cynische commentaar op de leiding zelf voor naar de tribune gestuurd. In interviews na de wedstrijd spuwt de Portugees zijn gal bij de toegestroomde media. De Catalanen hebben wederom hulp gehad van de scheidsrechter en de UEFA, aldus Mourinho. Die opmerkingen worden hoog opgenomen door de Europese voetbalbond, en Mourinho moet een schorsing van drie duels uitzitten, te beginnen in het volgende voetbalseizoen. Tevens krijgt hij een proeftijd van drie jaar en een boete van 50.000 euro.

Dat is niet het enige incident in die tweestrijd. De terugwedstrijd, die Mourinho vanaf de tribune moet volgen, wordt wederom ontsierd door enkele stevige charges van de Madrileense kant en toneelspel van de Catalanen. In de laatste minuten lijkt het alsof Real-spits Adebayor erop uit is om iemand het ziekenhuis in te schoppen. Hij verklaart na de wedstrijd, ongetwijfeld geïnstrueerd door Mourinho, dat de Barcelona-spelers mietjes zijn, die niet op een voetbalveld thuis horen door hun aanstellerige gedrag. Op zijn beurt krijgt Mourinho vervolgens de wind van voren van diverse prominenten van Barcelona. Xavi, Iniesta, Piqué en Busquets hekelen de manier van voetballen van Real, en het oncollegiale gedrag om blessures te veroorzaken.

Het is nieuwe olie op het vuur voor de supercup, een tweeluik dat het daaropvolgende seizoen opent. Mourinho geeft van tevoren aan dat hij niet teveel waarde hecht aan deze duels. Ongetwijfeld is dit een tactiek van Mourinho, want in de eerste wedstrijd vliegt Real Madrid er meteen vol op. Barcelona wordt bij vlagen volledig overklast, en mag van geluk spreken dat ze met 2-2 terugkeren naar Catalonië.

Daar komt de haat tussen Mourinho en Barcelona echter tot een hoogtepunt. In wederom een geweldige pot voetbal, die in 3-2 voor Barcelona eindigt, laten de Madrilenen zich gaan. Verschillende spelers verliezen zich in benenbrekende tackles en gemene charges. Mourinho draagt zijn steentje bij, door Messi belachelijk te maken langs de zijlijn.

Messi provoceert de coach op zijn beurt weer, na de 3-2 voor Barcelona. Aan het einde van het duel krijgt Marcelo de rode kaart voor een verschrikkelijke tackle op de teruggekeerde Cesc Fabregas. Dit leidt ertoe dat beide banken en vrijwel alle veldspelers naar de plek des onheils stormen, en zich tegoed doen aan een ouderwets potje duwen en trekken, provoceren en schelden.
Mourinho ziet de heisa die ontstaat, neemt polshoogte bij de op de grond liggende Fabregas en lijkt hem een schop te willen geven. Vervolgens beweegt hij zich om de massa heen, om daarna de elftalleider van Barcelona, Tito Vilanova, van achteren te benaderen. De Portugees steekt een vinger in het oog van de nietsvermoedende Vilanova. Die reageert door Mourinho weg te duwen en een lichte klap te verkopen. De ‘Special One’ kan een geniepig lachje niet onderdrukken. Nadien maakt hij zich in de media boos om de ballenjongens van Barcelona, die in zijn ogen het spel te erg vertraagden toen Real Madrid voor stond. Ook hekelt hij het gedrag van de Barcelona-spelers, die in zijn ogen veel te gemakkelijk gaan liggen en bij elke tik om een kaart vragen. Verder claimt hij niet te weten van een incident, en noemt de elftalleider van Barcelona ‘Pito’, penis.

De reactie uit het Barcelona-kamp laat niet lang op zich wachten. Gerard Piqué, verdediger van Barcelona, roept dat Mourinho het voetbal verziekt. Xavi, Messi en Iniesta zijn het er over eens dat de ploeg die wilde voetballen uiteindelijk gewonnen heeft.

In de nasleep van dit duel moet Mourinho, gedwongen door voorzitter Florentino Perez, zijn excuses maken aan de supporters van Real Madrid. Dat doet hij in een open brief op de website van de club. “Ik wil de fans van Real Madrid mijn excuses aanbieden, alleen aan hen, voor mijn gedrag in onze laatste ontmoeting. Sommige mensen kunnen de hypocrisie in het voetbal beter aan dan ik. Zij verbergen hun gezicht en fluisteren. Ik wil hier niet aan meedoen, omdat ik geen hypocriet wil zijn.” Iedere voetbalfan weet waar hij op doelt.

Grimmig
Dat is voorlopig het laatste wapenfeit in de oorlog tussen Mourinho en Barcelona, maar het laatste woord is hier zeker nog niet over gesproken. De incidenten zijn talrijk, evenals de straffen en boetes. Voor Mourinho is dat allemaal van ondergeschikt belang. Hij is nog lang niet klaar in zijn kruistocht op weg naar de overheersing van Barcelona, en zal ook in de toekomst nog genoeg van zich laten horen. Het hoort allemaal bij het spelletje dat Mourinho speelt met de Catalanen, een spelletje dat mettertijd grimmiger is geworden. Gevaarlijk, zo kan gesteld worden. Als men de lijst naloopt, kan men zich afvragen of er in deze situatie nog wel wat te winnen valt?

Mourinho denkt van wel. Heeft hij gelijk? Of is de Portugees inmiddels zover doorgedraafd in zijn eigen kruistocht dat ook de psycholoog in hem hulp zou moeten zoeken?

About Gino van Montfort

Gino is hoofdredacteur en mede-oprichter van Catenaccio. Hij is al van kinds af aan voor Feyenoord, maar laat in zijn artikelen vooral een merkwaardige interesse zien in clubs, spelers en verhalen uit Zuid-Amerika. Oh, en nu Feyenoord het wat minder doet, hoor je hem vooral over zijn andere grote liefde: Real Madrid. Volg Gino op Twitter | Meer artikelen van Gino