Hoe de charme van de Copa América verdween

Het zou je bijna ontgaan, maar naast al het andere voetbalgeweld begon afgelopen weekend ook nog de Copa América Centenario. In de nacht van vrijdag op zaterdag trapten Colombia en gastland de Verenigde Staten af in het oudste continentale voetbaltoernooi ter wereld, dat dit keer vanwege het honderdjarige bestaan van het evenement voor het tweede jaar op rij wordt georganiseerd. Met de concurrentie van het EK krijgt de Copa wellicht, zeker vanuit Europa, niet aandacht die het verdient afgaande op de status van de deelnemers. Het toernooi staat namelijk wel bol van de kwaliteit. Dit jaar zijn onder andere de nummers één, drie, vijf, zeven en negen van de FIFA-wereldranglijst present en vrijwel alle grote sterren – op Neymar na – komen langs. Misschien is het voor verstokte Oranjefans, er gaan meer Eredivisie-spelers naar de Copa América (7) dan naar het EK (3), zelfs wel een leuker toernooi om te volgen dan het EK.

De  Copa América staat naast mooi voetbal, ook altijd garant voor spektakel en drama. Het toernooi heeft een historie die uitpuilt van schitterende verhalen en bizarre incidenten. In dit artikel doen we een kleine greep uit de mooiste verhalen en plaatsen we een kanttekening bij de organisatie van de huidige editie.

Sensatie, schoppartijen en schlemielen

De toon wordt gezet bij de allereerste editie in 1916. Argentinië heeft een groot probleem voor de tweede wedstrijd van het toernooi. De verantwoordelijken van het team – de Argentijnen hadden destijds nog geen coach – moeten op zoek naar een speler.  Alberto Ohaco, goed voor twee doelpunten in de eerste wedstrijd,is namelijk  niet op tijd teruggekeerd van zijn werk. De Argentijnse leidsmannen struinen de tribunes af om een vervanger te vinden en ze vinden José Laguna bereid om zich om te kleden. Vanaf de tribune maakt hij zijn opwachting in de selectie en prompt schiet hij de openingstreffer binnen. De wedstrijd tegen Brazilië eindigt in 1-1.

De finale gaat later tussen gastland Argentinië en Uruguay en wordt, bij gebrek aan scheidsrechters, gefloten door Carlos Fanta, de manager van Chili. Het stadion biedt plaats aan 20.000 toeschouwers, maar er zijn veel meer mensen op de wedstrijd afgekomen. Ze staan op en over de rand van het veld en als Uruguay na twee minuten niet eens een hoekschop kan nemen, wordt besloten de wedstrijd te onderbreken. De menigte kan niet leven met dit besluit en zet de houten tribunes in brand. De wedstrijd wordt pas de volgende dag uitgespeeld (en gewonnen door Uruguay).

In 1919 eindigen Brazilië en Uruguay gelijk, waardoor ze een beslissingswedstrijd moeten spelen om te bepalen wie de derde editie van de Copa America mee naar huis neemt. Na negentig minuten voetbal is er nog niet gescoord. Als ook de verlenging van een halfuur geen doelpunten oplevert, worden nog eens dertig minuten toegevoegd. Het wordt met 150 minuten de langste officiële wedstrijd ooit. Het duel wordt uiteindelijk in de 122e minuut door een treffer van Arthur Friedenreich in het voordeel van Brazilië beslist. De doelpuntenmaker, wellicht niet de bekendste, speelde 26 jaar in de Braziliaanse topdivisie en maakte volgens onofficiële bronnen meer doelpunten dan welke andere speler dan ook: 1329.

In de halve finales van het toernooi in 1975 verdedigt Colombia in Montevideo tegen Uruguay een 3-0-overwinning uit de heenwedstrijd.  Na 17 minuten opent de Uruguayaan Fernando Morena de score en lijkt een stunt in de maak. Morena verzuimt echter uit te groeien tot de held van zijn land: later in de wedstrijd mist hij tot tweemaal toe een strafschop en wordt ook nog met een rode kaart van het veld gestuurd als hij de rebound van die tweede misser probeert binnen te schieten, maar de keeper raakt…

In 1991 is de eerste wedstrijd van de finaleronde de klassieker van Zuid Amerika: Argentinë – Brazilië. Na 31 minuten, bij een 1-1 stand, haalt de Braziliaanse Mazinho Claudio Caniggia van Argentinië van achter onderuit waarop de Argentijn hem een elleboog geeft: beide spelers moeten er met rood vanaf. In de volgende dertig minuten ontaardt de wedstrijd in een ware schoppartij en bij een 3-2-stand vliegt Marcio Santos met twee benen in op Carlos Enrique die op tijd opspringt en zijn voet in de rug van zijn glijdende tegenstander plant. Nadat de scheidsrechter eerst nog een minuut door laat spelen en een Braziliaan het spel met een sliding van achter op een jonge Gabriel Batistuta moet onderbreken, worden beide spelers alsnog weggestuurd. In de tachtigste minuut is de chaos compleet als de Brazilianen met acht man verder moeten. Careca III, één minuut eerder ingevallen, breekt met een ferme klap de neus van Oscar Ruggeri.

Na de wedstrijd besluit de meedogenloze Ruggeri verhaal te halen in de bus van Brazilië. Pas na Careca toegebeten te hebben dat hij hem nog wel tegenkomt, wordt hij hardhandig uit de bus gezet. Twee jaar later is het zo ver. In 1993, in de halve finales van de Mexicaanse competitie, kruizen hun wegen weer. Ruggeri loopt voor de wedstrijd naar de helft van de tegenstander en laat de Braziliaan vast weten dat hij geen bal hoeft aan te raken die middag. Na een kwartier moet Gareca per brandcard het veld verlaten. Ruggeri probeert zijn slachtoffer nog te overtuigen om door te spelen, maar dat eindigt in een vechtpartij: de Argentijn krijgt acht wedstrijden schorsing en verlaat Mexico.

Een moderne klassieker is het verhaal van de Argentijn Martín Palermo, die in zijn carrière werkelijk van alles meemaakt. Hij is topscorer aller tijden van Boca Juniors, breekt zijn been tijdens het juichen van een goal, scoort vanaf eigen helft en maakt een kopgoal vanaf veertig meter. Ook maakt hij in de stromende regen de winnende goal die ervoor zorgt dat een waardeloos Argentinië zich kwalificeert voor het WK. Het inspireert bondscoach Diego Maradona tot een meterslange buikschuiver. Ook op de Copa van 1999 laat Palermo zijn visitekaartje achter. Na twee doelpunten te hebben gescoord in de openingswedstrijd wacht Colombia in het tweede duel. Er worden liefst vijf strafschoppen gegeven in die wedstrijd en Palermo ontfermt zich over de drie die aan Argentinië worden toegekend: de eerste gaat op de lat, de tweede vliegt hoog over en de laatste wordt gekeerd. De Colombianen, die wel een strafschop benutten, winnen met 3-0. Palermo is de enige speler ooit die drie strafschoppen mist in één wedstrijd.

In 2011 is de Copa op een heel andere manier uitzonderlijk. In de groepsfase van de Copa América speelt Paraguay gelijk tegen Ecuador (0-0), Brazilië (2-2) en Venezuela (3-3). Omdat in het toernooi met drie goepen ook de twee beste nummers drie door mogen, kwalificeren de Paraguayanen zich voor de kwartfinale. Daarin verslaan ze Brazilië na strafschoppen (0-0 eindstand, waarna de titelverdediger geen enkele van hun vier strafschoppen weet te verzilveren) en in de halve finale herhaalt zich exact hetzelfde scenario – dit maal is Venezuela de tegenstander. Paraguay wordt zo het eerste team in de geschiedenis dat de finale haalt zonder ook maar één wedstrijd te winnen. Luis Suárez en Diego Forlan beslissen die finale in het voordeel van Uruguay. De laatstgenoemde completeert daarmee drie generaties van Copa América-winnaars: zijn vader hield de cup in 1967 al omhoog, net als zijn grootvader in 1959 als trainer.

2015 is het jaar waarin de jonge Neymar in zijn eentje een stroef lopend Brazilië aan de praat moet krijgen. Dat lukt hem niet: de Colombianen weten hem keer op keer, al dan niet regelementair, te stoppen. Als de 0-0-eindstand een feit is, slaan bij iedereen de stoppen door: Neymar krijgt de enige rode kaart van zijn internationale carriere en de Colombiaanse spits Carlos Bacca mist de rest van de Copa.

In de finale van dezelfde editie lukt het die andere superster van Barcelona, Lionel Messi, niet om zijn stempel op het toernooi te drukken. In navolging van andere grootheden, zoals Socrates, Pelé en Maradona, lukt het Messi niet de Copa América te winnen. Hij  verliest voor de tweede keer in zijn loopbaan de finale van de Copa. Na de wedstrijd weigert hij de prijs voor de beste speler van het toernooi. Arturo Vidal, die tijdens het toernooi in dronken staat zijn Ferrari total loss rijdt, en Alexis Sánchez, die de finale met een panenka beslist, brengen de Copa voor het eerst naar Chili. Javier Mascherano schrijft geschiedenis: hij verliest voor de derde keer een Copa América-finale.

Vergane glorie

Hoewel de Copa América normaliter dus veel losmaakt bij met name de Zuid-Amerikaanse fans en spelers lijkt deze editie nog niet echt te leven; alle nationale en internationale clubcompetities zijn nog in volle gang en moeten zelfs worden onderbroken voor het toernooi (alhoewel in Colombia en de MLS gewoon doorgespeeld wordt). Daarnaast zijn veel fans en spelers Copa-moe: voor Brazilië en Uruguay wordt dit de vierde zomer op rij met een toernooi, voor Mexico is het zelfs – met de Confederations Cup, het WK, de Gold Cup en tweemaal de Copa America, het vijfde toernooi in vier zomers. En tel daar voor een aantal landen ook nog maar de Olympische Spelen in augustus, die Neymar prefereert over de Copa América dit jaar, bij op.

De eerste plannen voor de een speciale honderdjarige Copa-editie stammen uit 2012. De Verenigde Staten, dat “de mensen, de stadions en de markt” heeft, weet het toernooi met behulp van een groot mediarechten bedrijf naar zijn land te halen. Daarmee wordt het toernooi voor het eerst niet op Zuid-Amerikaanse bodem gespeeld, is de organisatie volledig uit handen genomen van de CONMEBOL en wordt het deelnemersveld uitgebreid met, naast de twee teams die sinds 1993 altijd al meedoen, nog eens vier Noord-Amerikaanse landen. Mexico en de Verenigde Staten voegen een hoop toe aan het  deelnemers veld, maar Haiti en Jamaica lijken niet echt voor veel spektakel te kunnen zorgen.  

Er wonen dan wel bijna drie miljoen Zuid-Amerikaanse immigranten in de Verenigde Staten, de charme en de roots van al die prachtige verhalen over de Copa liggen in de donkere en oude stadions van Zuid Amerika, met zijn meedogenloze thuispubliek en de paar uitsupporters die 36 uur in een bus hebben gezeten om hun nationale team aan te moedigen. Voor deze Copa werden alleen bids van hypermoderne stadions, en om iedereen een kans te geven hun (nationale) helden te zien, worden de spelers bovendien het hele land doorgestuurd. Paraguay begint bijvoorbeeld in Miami, speelt vier dagen later in California en moet daarna weer terug naar Pennsylvania – en reist daarmee in totaal meer dan 7.000 kilometer.

De finale wordt dit jaar in het voor 1,6 miljard dollars gerenoveerde american football-stadion “MetLife” gespeeld. Een schril contrast met het decor van de eindstrijd van vorig jaar: het in 1937 gebouwde Estadio Nacional in Santiago de Chile waar nog dezelfde sfeer lijkt te hangen als in de jaren 70 toen het tijdens de Chileense dictatuur werd gebruikt als gevangenis.

Hopelijk is dit slechts een eenmalige aanpassing van het toernooi. Een verdere modernisering van het toernooi zou een definitieve breuk kunnen zijn met het prachtige verleden van de Copa América en een einde kunnen maken aan de prachtige verhalen en memorabele wedstrijden.

Waarom toch kijken?

Toch heeft ook deze ingelaste editie ook zijn positieve kanten. Het geeft ons namelijk een extra kans om een aantal van ‘s werelds beste voetballers en voetbalteams aan het werk te zien. Denk uiteraard aan Lionel Messi, Sergio Agüero, Luis Suárez, Alexis Sánchez en James Rodríguez. Daarnaast komen ook een hoop minder bekende maar minstens zo frivole voetballers – Edwin Cardona (Colombia), Derlis González (Paraguay), Carlos Sánchez (Uruguay) en natuurlijk Andrés Guardado (Mexico) – langs en is de copa een bakermat van grote talenten. Houdt bijvoorbeeld Matías Kranevitter (Argentinië), Romel Quinonez (Bolivia), Gabriel Barbosa (Brazilië), Miguel Almiron and Blas Riveros (Paraguay), Christian Pulisic (VS) en Marlos Moreno (Colombia) eens in de gaten. De wedstrijden worden voor Nederland ‘s nachts afgewerkt, maar samenvattingen van de wedstrijden zouden zeker de moeite waard moeten zijn.

En mochten Mexico, wat in zijn laatste vriendschappelijke duel 60,000 mensen naar het stadion in San Diego trok, en thuisland de Verenigde Staten goed starten, begint het toernooi wellicht ook in Amerika meer te leven. Bovendien is het hopen en misschien ook wel te verwachten dat bijvoorbeeld Mexico en Uruguay zich zondag niet beseffen in welke omstandigheden ze spelen en dezelfde strijd leveren zoals ze altijd doen in de Copa América wanneer ze elkaar treffen (meer dan één rode kaart per wedstrijd). Daarnaast zijn er nog een aantal andere interessante groepswedstrijden (o.a. Argentinië – Chile), en zouden de kwartfinales van WK-niveau moeten zijn.

Haiti, met een aantal amateurs en semi-professionals, en Jamaica, waarvan de spelers vorig jaar na de wedstrijd tegen Argentinië plotseling allemaal een telefoon in de hand hadden voor een selfie met Messi, kunnen misschien ook nog voor wat luchtig vermaak zorgen als het ze voetballend niet wil lukken. En met het arresteren van Colombiaans international Pablo Armero in Miami is het toernooi in ieder geval nog wel een beetje in stijl begonnen.

Vond je dit artikel de moeite waard? Bedank de auteur dan door het te kopen via onderstaande knop:

About Mathijs Steneker

Mathijs Steneker werkt bij statistiekenbureau Data Factory en is voor Catenaccio correspondent in Zuid-Amerika. Volg Mathijs op Twitter