Het succes van Heracles Almelo

Het gaat financieel niet van een leien dakje in de Nederlandse profwereld. Ieder jaar maken de clubs grote verliezen. Keer op keer moeten gemeenten en sponsors ingrijpen om clubs niet failliet te laten gaan. Ondertussen stromen de velden vol met derderangsbuitenlanders, die bakken met geld verdienen, maar op het veld niets klaarspelen. Schrijnend voorbeeld is hierin natuurlijk Willem II, dat zondag met zeven buitenlanders in de basis 4-0 verloor van FC Twente en degradeerde.

Spits Everton is het toonbeeld van het succes van Heracles

Spits Everton is het toonbeeld van het succes van Heracles

Gelukkig is het niet alleen kommer en kwel in voetballand. Zo wordt bij Heracles Almelo al jarenlang een zeer goed beleid gevoerd. De club dwaalde al jarenlang rond in de middenmoot van de Eerste Divisie op het moment dat Jan Smit de nieuwe voorzitter werd in 1998. Hij nam de club op de schop en met gezond beleid moesten ze op weg gaan richting de Eredivisie. Een van zijn eerste beslissingen was de keuze om het stadion aan de Bornsestraat te verlaten. Sindsdien werkt Heracles Almelo zijn wedstrijden af in het modernere Polman Stadion. Ondertussen werd er ook hard gewerkt aan het contact met sponsoren en businessclubleden, om de basis neer te leggen voor een verblijf in de Eredivisie.

Met dit gezondere beleid en de aanstelling van Gert-Jan Verbeek als hoofdtrainer, werd al snel de stap richting de top van de Eerste Divisie gemaakt. In 2004 liep Heracles de promotie nog mis door gelijk te spelen bij FC Volendam, waardoor De Graafschap promoveerde. Een jaar later slaagde de club uit het oosten van het land er wel in om te promoveren.

Het werd door Jan Smit gebruikt als aanleiding om de club verder uit te bouwen. Er werden nieuwe sponsors binnengehaald en het stadion werd uitgebreid met tweeduizend plaatsen. Ondertussen haalde de club een aantal prima aanwinsten binnen als: Ragnar Klavan, Jan Wuytens, Martin Pieckenhagen, Stefaan Tanghe en Rob Maas. Allen transfervrij. Met deze spelers behaalde Heracles, ondanks de laagste begroting van 6.5 miljoen een knappe dertiende plaats.

De groeiende begroting van Heracles Almelo

De groeiende begroting van Heracles Almelo

De groei van Heracles Almelo is waarschijnlijk het beste weer te geven in de begroting, zoals hierboven is gedaan. Bijna ieder jaar is Heracles Almelo in staat gebleken, bijvoorbeeld door nieuwe sponsoren en een nieuwe uitbreiding van het stadion, de begroting nog verder op te schroeven. Dit seizoen is de club voor het eerst door de magische grens van negen miljoen euro gegaan. Een knappe prestatie.

De groei buiten het veld kon in eerste instantie niet doorgezet worden in het veld, maar door de aanstelling van Gert-Jan Verbeek in het vorige seizoen als trainer en de komst van spelers als Bas Dost, Samuel Armenteros, Willie Overtoom, Marko Vejinovic en Mark-Jan Fledderus werd plots een bijzonder knappe zesde plaats bereikt. Via de play-offs werd geen Europees voetbal gehaald, maar Heracles had duidelijk zijn gezicht aan het Nederlandse publiek laten zien.

Ondanks het vertrek van Gert-Jan Verbeek en Bas Dost zet de club dit seizoen zonder moeite de lijn van vorig seizoen voort. Voor Dost werd met Plet een prima vervanger gevonden en ook Peter Bosz laat zien als trainer het niveau aan te kunnen. Met leuk en verzorgd voetbal heeft Heracles de laatste weken de stap gemaakt naar plaats zes, die recht geeft op play-offs om Europees voetbal aan het eind van het seizoen.

Wat opvalt in het technische beleid van Heracles Almelo is de uitstekende scouting. Ze scouten in Almelo zeer actief in tweede elftallen van andere clubs (Wuytens, Vejinovic, Ter Horst, Armenteros, Houtkoop, Rienstra), de lagere divisies worden goed in de gaten gehouden (Overtoom, Plet), overbodige spelers krijgen kansen op huurbasis (Garcia Garcia, Schilder) en ervaren transfervrije spelers worden gehaald voor de balans (Pieckenhagen, Douglas, Maertens, Schuurman, Cairo). Als er al eens een buitenlander wordt gehaald, dan wordt deze aankoop zorgvuldig overwogen. Zo werd de Braziliaanse topscorer Everton eerst voor een jaar gehuurd. Met dit verstandige scoutingsbeleid is Heracles Almelo eveneens een voorbeeld voor vele clubs in de Eredivisie. Als je goed genoeg kijkt, loopt er voldoende talent rond in ons eigen kikkerlandje en hoef je niet miljoenen te besteden aan scoutingstripjes naar het buitenland.

De voornaamste inkomsten van Heracles in de afgelopen seizoenen

De voornaamste inkomstenbronnen van Heracles in de afgelopen seizoenen

Hierboven is de ontwikkeling van de inkomsten van Heracles weergegeven sinds de komst naar de Eredivisie. Wat opvalt is de enorme groei aan inkomsten via sponsoren. Dit is te danken aan het feit dat Heracles erg actief is in de regio en men met de directie constant druk bezig is met het werven van nieuwe sponsoren. Dat het op het veld steeds beter gaat draagt daar natuurlijk ook aan bij. Inmiddels zijn er nog maar twee clubs in de Eredivisie die meer business seats hebben dan Heracles, te weten SC Heerenveen en FC Groningen. Het is niet toevallig dat ook zij bekend staan om hun sterke band met het achterland en de regio.

De inkomsten via media en stadionverkoop steken hier inmiddels wel erg schril tegen af. Waar er in de sponsorinkomsten een enorme groei te zien is, lijkt dit niet te lukken via de kaartverkoop en de media. Qua kaartverkoop is er inmiddels een oplossing gevonden. Bij aanvang van het seizoen 2012/2013 opent Heracles Almelo een nieuw en nog moderner stadion. Hier zullen meer supporters in kunnen en ook voor sponsors, bijvoorbeeld door meer skyboxen, biedt het nieuwe stadion voordelen. Gezien het feit dat de club geen langlopende schulden heeft uitstaan, sinds de komst naar de Eredivisie zwarte cijfers schrijft en het nieuwe stadion breed gedragen wordt, lijkt het een mooi middel te zijn om een stabiele club te worden in de Eredivisie.

Door het falen van Eredivisie Live zitten er op het gebied van media-inkomsten geen meevallers aan te komen. Het enige waar Heracles op kan hopen is een incidenteel succes in de beker, zoals in 2007/2008 toen ze de halve finale haalden. Dit levert in ieder geval wat extra inkomsten op, maar een vetpot zijn de media in Nederland zeker niet.

Dit jaar moest de club uit Almelo echter voor het eerst rode cijfers schrijven. Dit was echter vooral te wijten aan de hoge premies die uitgekeerd moesten worden, vanwege de uitmuntende prestatie in de competitie. Toch is ook dit een toonbeeld van goed beleid. Door de verkoop van Bas Dost, de komst van nieuwe sponsoren en het aantrekken van nieuwe supporters heeft Heracles de kosten van de premies er al lang uitgehaald. Dit zou anders zijn als de club structureel hoge basissalarissen zou uitbetalen. Spelers met dikke contracten zijn namelijk geen garantie voor succes, dat bewijzen vele clubs in Europa ieder jaar opnieuw.

Ondertussen is de bestuurskamer een baken van rust. Jan Smit is al sinds 1998 de voorzitter van de club. Hendrie Krüzen is inmiddels ook al jarenlang de vaste assistent bij het eerste elftal. Deze continuïteit zorgt voor veel stabiliteit binnen de club. Een niet te onderschatten facet in het succes van Almelo.

Al met al is Heracles Almelo binnen een paar jaar een blauwdruk geworden voor iedere club in het betaalde voetbal. Ze tonen aan dat je door een uitmuntende scouting, een goede band met je achterland en het investeren in faciliteiten een heel eind kan komen. In de pers is er echter veel te weinig aandacht voor het succes van de wijzen uit het oosten. Veel vaker zou er in moeten worden gegaan op het verstandige beleid, zodat andere clubs deze visie overnemen. Heracles Almelo toont namelijk ook dit seizoen weer aan dat financieel gezond beleid en sportief succes wel degelijk kunnen samengaan.

About Pieter Zwart

Pieter is naast eindredacteur bij Catenaccio ook bureauredacteur bij Voetbal International. Hij is al vanaf het begin betrokken bij Catenaccio. Pieter richt zich vooral op financiële en tactische analyses, maar schrijft ook andere onderzoeksartikelen. Volg Pieter op Twitter | Meer artikelen van Pieter