Eendagsvliegen met het predikaat “wereldster”

Voetbalpraatprogramma’s. Eigenlijk is het niet meer dan vier mannen aan een tafel die niets anders doen dan zeuren en speculeren. Zeuren over de zoveelste elleboog of overtreding. Nooit wordt er een keer een mooie actie of juist een prachtige aanval er uit gelicht. Nee, we moeten altijd wat te zeiken hebben. In dat licht is het eigenlijk vreemd, of misschien wel idioot, dat wij als graagklagende Nederlanders te vaak en te snel een positieve stempel mee geven aan een speler of een club, zonder dat daar eigenlijk een geldige reden voor is.

roman-pavlyuchenko-0011

Wereldster of toch niet?

Neem Keisuke Honda bijvoorbeeld. Een goede speler, dat staat buiten kijf. “Wij”, Nederlanders, weten het te presteren om zo iemand na een handvol wedstrijden de stempel topspeler mee te geven. Hij zou het niveau van de Eredivisie na vijf wedstrijden al zijn ontgroeid, claimden sommigen, anderen achten hem rijp voor de absolute wereldtop. Het kan snel gaan. Voor vorig seizoen had niemand nog gehoord van Honda en nu staan de Japanse toeristen rijendik te wachten om een glimp op te vangen voor hun nieuwe ster. Hij heeft nog niet eens een basisplaats in het Japanse elftal…

Spelers die één goed toernooi spelen of een half seizoen veel scoren worden bestempeld als toppers, terwijl al zo vaak is bewezen, dat één zwaluw nog geen zomer maakt. Bovendien heeft een speler na een goed seizoen of toernooi een driedubbele vraagprijs, geïnteresseerde clubs betalen de hoofdprijs. Het is nog maar de vraag of de speler zijn goede spel een vervolg kan geven. Veel spelers zakken in hun nieuwe omgeving, op een hoger niveau en onder druk van de fans, toch door het ijs.

Een mooi voorbeeld is Roman Pavluychenko. De Rus kende een superseizoen bij Spartak Moskou en speelde een fantastisch toernooi met Rusland in Zwitserland en Oostenrijk. Daarmee verdiende hij een toptransfer naar een topcompetitie. Al snel bleek het met de kwaliteiten van de lange Rus wel mee te vallen. Hij belandde op de bank en inmiddels heeft Tottenham tientallen miljoenen gespendeerd om de Rus te vervangen. Logisch gevolg is een vertrek van de “Wereldster”, tegen een fractie van het aankoopbedrag dat Tottenham betaalde.

Je zou, na de duizenden voorbeeld van eendagsvliegen die bekend zijn, denken dat clubs er iets van geleerd zouden hebben. De grote clubs zijn enorm bang om achter het net te vissen. Ze betalen liever de volle mep, dan dat ze een eendagsvlieg zien tekenen bij de concurrent.

Misschien is het een goed idee om als voetballiefhebbers gewoon eens af te wachten. Laten we voor één keer niet direct het predicaat wereldspeler mee geven aan een speler, die toevallig vijftien keer gescoord heeft in even zoveel wedstrijden. Laat zo iemand zich een seizoen of twee bewijzen aan het grote publiek. Wellicht is dat voor de personen in kwestie ook eens lekker. Gewoon lekker voetballen zonder gezeur en zonder verwachting. Voetballers zijn namelijk net mensen, die bezwijken ook wel eens onder druk.

About Len