Echte kampioenen zijn klootzakken

Je hoort het eigenlijk te vaak als verwijt in ons kikkerlandje: “Hij kan niet tegen zijn verlies.” Het is een instelling die waarschijnlijk ook bedacht is door ouders, die graag hun kind goed willen opvoeden. Deze instelling ligt echter ten grondslag aan het gebrek aan resultaten op belangrijke momenten van het Nederlands elftal. Keer op keer werd Nederland geklopt op slimheid, sluwheid, lafheid en valsheid. Eigenschappen die hier negatief worden uitgelegd, maar tegelijkertijd zijn deze eigenschappen in het buitenland een pre.

Materazzi en Cannavaro zijn beiden klootzakken.

Materazzi en Cannavaro zijn beiden klootzakken.

Kijk alleen al naar de huidige Europees Kampioen en de huidige Wereldkampioen. Bij Spanje lopen, naast enkele briljante spelers, ook slopers rond met een absolute winnaarsmentaliteit. Ik noem  alleen al: Carlos Puyol, Carlos Marchena en Marcos Senna. Ook bij Italië is er geen gebrek aan dit soort type voetballers. Marco Materazzi, Fabio Cannavaro, Gennaro Gattuso en Daniele de Rossi zijn misschien wel de grootste exponenten van dit slag voetballers. Ook het succesvolste Nederlands elftal aller tijden, Nederland 1988, had een goede dosis aan echte winnaars. Ruud Gullit, Marco van Basten, Jan Wouters, Ronald Koeman, Hans van Breukelen, allen zijn het jongens waarbij het beste naar boven komt als ze op een achterstand staan; ze hebben namelijk een godsgruwelijke hekel aan verliezen. Ondanks dat het niet mag van pappa, mamma en Jan op de hoek van de straat.

Gelukkig stonden pappa, mamma en Jan op de hoek van de straat wel weer vooraan toen Nederland de titel binnenhaalde. Toen waren het opeens helden, maar o wee als het misgaat. Dan weet Jan op de hoek van de straat het altijd beter, niet beseffend dat hij ten grondslag ligt aan het probleem waarmee het Nederlandse voetbal al sinds mensenheugenis kamt. Er lopen vaak vooraal aanvallend briljante spelers rond, maar het wordt niets omdat Oranje een gebrek heeft aan echte killers. Een gebrek aan hele ‘slechte’ verliezers. Want als je niet tegen je verlies kan, dan wil je extreem graag winnen. Juist op die momenten dat het allemaal niet zo lekker gaat, is de absolute wil om te winnen misschien wel het belangrijkste. Een goede verliezer zou sneller zijn kop laten hangen , dan een slechte verliezer. Dat kan soms net het verschil zijn tussen gelukkig winnen en ongelukkig onderuit gaan.

Ook Cruijff was een slechte verliezer

Daarom pleit ik er bij deze voor dat we allemaal kappen met die negatieve houding tegenover de slechte verliezers. Denk iedere keer als je iemand ziet zeiken en zaniken over een nederlaag aan Johan Cruijff, misschien wel de grootste zeur die rondliep op de Nederlandse velden. Cruijff wist altijd alles beter, maar dat werd van hem gepikt omdat hij fantastisch kon voetballen. Die dodelijke combinatie van extreem talent en niet tegen zijn verlies kunnen werd hij één van de grootste voetballers aller tijden. Piet Keizer had namelijk misschien wel evenveel talent als Cruijff, maar het stukje mentaliteit maakte het verschil tussen de twee. Cruijff is nog steeds een wereldster en slechts weinigen zullen de naam Keizer nog kennen. Dus laten we de slechte verliezers in ons ‘kikkerlandje’ maar gaan koesteren. Echte winnaars zijn namelijk klootzakken, tenminste als het moet.

About Pieter Zwart

Pieter is naast eindredacteur bij Catenaccio ook bureauredacteur bij Voetbal International. Hij is al vanaf het begin betrokken bij Catenaccio. Pieter richt zich vooral op financiële en tactische analyses, maar schrijft ook andere onderzoeksartikelen. Volg Pieter op Twitter | Meer artikelen van Pieter