Verslaat Duitsland haar Italiaanse angstgegner?

De tweede halve finale van EURO 2012, die tussen Italië en Duitsland, is met recht een onvervalste interlandklassieker. Niet alleen vanwege de historische parallellen tussen beide landen, maar ook vanwege hun memorabele ontmoetingen op eindtoernooien. Het favoriet geachte Duitsland moet ditmaal afrekenen met geesten uit het verleden, want Italië verloor nog nooit van ze.

Het Italiaanse team kent als bijnaam de Squadra Azzurri. In het Duits wordt die bijnaam echter al gauw ‘angstgegner’. De Duitsers wonnen in drie ontmoetingen immers nog nooit van de Italianen op een eindronde. Vreemd genoeg waren dat allemaal redelijk beslissende potjes, en vreemd genoeg waren de Duitsers telkens favoriet. Het zal toch niet weer gebeuren?

Geschiedenis
In 1970 versperde Italië de weg naar de finale in een zinderend duel, dat uiteindelijk een 4-3 overwinning voor de azzurri werd. Een geniale Gerd Müller, die in de verlenging twee keer scoorde, kon daar niks aan veranderen. Gianni Rivera was de matchwinner in de 114e minuut. Niet voor niks wordt deze wedstrijd door de Italianen beschouwd als één van de beste interlands aller tijden. De beelden spreken voor zichzelf.
1982
Fast-forward naar het WK van 1982. In de finale stonden (West-)Duitsland en Italië opnieuw tegenover elkaar. Italië was gehavend en beschimpt door de omkoopschandalen van twee jaar eerder. Spits Paolo Rossi werd net op tijd van zijn schorsing ontdaan om mee te kunnen. Ze haalden de tweede ronde op puur geluk, want ze wonnen geen enkel duel tegen Kameroen, Polen en Peru.

De Duitsers waren Europees kampioen en hadden Rumenigge en Breitner, Stielike en Littbarski. En Kung-Fu Kid Harald ‘Toni’ Schumacher. Wederom zou dit duel slechts een formaliteit zijn.

Niets was minder waar. Italië speelde een dijk van een partij, ondanks een noodgedwongen vroege spelerswissel en een gemiste penalty. Drie goals op rij zorgde voor een comfortabele 3-0 voorsprong voor de Italianen, een gegeven waar alleen Breitner nog een antwoord op had. De Italianen waren tegen alle verwachtingen in de nieuwe wereldkampioen, en het juichen van Marco Tardelli is nog steeds één van de favoriete voetbalmomenten van veel liefhebbers.

2006
Dan 2006, hun laatste confrontatie, in de halve finale van het WK. De Duitsers speelden in eigen land, voor eigen publiek. Ze speelden tevens het beste voetbal van het toernooi, met een spitsenduo (Klose en Podolski) dat net zo makkelijk goals scoorde als dat ze hun veters strikten.
Ook hier was Italië de grote underdog. Weer was er een groot schandaal in eigen land, dat in de ogen van kenners een goede WK-prestatie zou verstoren. Bovendien was de Italiaanse selectie oud, en zaten er een aantal volgevreten vedetten in, tezamen met een aantal nobodies zoals Fabio Grosso en Cristian Zaccardo, beiden spelend bij Palermo.

Verlengingen moesten weer uitsluitsel geven, en hoewel Duitsland het merendeel van het balbezit had, liepen zij zich stuk op een Italiaanse muur van onverzettelijkheid. In de laatste minuten van die verlenging wist Andrea Pirlo een venijnig schot te lossen, dat de Duitse keeper Lehmann tot corner verwerkte. Uit die afgeslagen corner vond diezelfde Pirlo met een geniale steekbal de volledig vrijgelaten linksback Fabio Grosso, die de bal ineens in de lage hoek krulde.

Zijn juichen ging, evenals dat van Tardelli, de gehele wereld over. Met tranen in zijn ogen en zijn hoofd driftig heen en weer schuddend doorkruiste hij het halve veld. “Non e vera! Non e vera!” (Het is niet waar!)

Verschillende Duitsers stortten ter aarde. Ze waren de betere. Ze hadden meer kwaliteit. Het was een thuiswedstrijd, en toch stonden ze achter. Ongeloof en wanhoop was van hun gezichten af te lezen. Dat resulteerde in wilde ballen naar voren, die op hoop van zegen bij een wit shirt aan moesten komen.
Één van die ballen werd in de laatste minuut onderschept door de perfect spelende captain Fabio Cannavaro. Hij was één van die zogenaamde volgevreten vedettes, beschimpt in eigen land, omdat hij bij het Juventus hoorde dat de grote schuldige was in het omkoopschandaal. Bekritiseerd ook, omdat hij het allemaal niet meer zo goed kon belopen. De sleet zat erop. Zo ook bij Francesco Totti, het miskende genie van AS Roma, en Alessandro Del Piero, de oude, geslepen vos, die ternauwernood mee mochten naar het WK. Cannavaro bezorgde de bal bij Totti, die de middenlijn overstak en het leer aan spits Gilardino gaf. Die dreigde de Duitse verdediging naar achteren, in de eigen zestien. Alsof hij ogen in zijn rug had, zo wist Gilardino dat Del Piero inmiddels links achter hem de zestien ingelopen kwam, na een ongelofelijke sprint vanaf de eigen zestien. Hij tikte de bal opzij, en de ‘golden touch’ van Del Piero liet de bal in de kruising belanden. 2-0 Italië. Duitsland was geveld door een mokerslag.

2012
Nu zijn de rollen niet anders. Duitsland is wederom favoriet. Ze spelen alweer het beste voetbal van het toernooi, kwamen de groepsronde door met drie winstpartijen en gaven een clinic in de kwartfinale. Frivool, aanvallend en combinerend. Wie de Duitsers ook in of achter de spits opstellen, het lijkt geen verschil te maken. Plus, de Mannschaft heeft maarliefst vier rustdagen voor deze halve finale.
Bij Italië is het allemaal net even wat minder. Hoewel de ploeg bij vlagen erg leuk voetbal op de mat legt, wordt dat niet altijd gekoppeld aan efficiëntie of resultaat. Het aanbod aan spitsen, waar een groot voetballand als Italië normaal op kan buigen, is erbarmelijk. Geen van allen zijn ze onbetwist A-international, en het in allerijl gefabriceerde spitsenduo van Antonio Cassano en Mario Balotelli scoorde nog niet terwijl men samen op het veld stond. Dat niet alleen, wederom staat de ploeg onder druk vanwege een omkoopschandaal in eigen land. International Leonardo Bonucci, tegen Engeland basisspeler, wordt zelfs verdacht. En toch staan de Italianen er. Dankzij hun ongeëvenaarde passie. Dankzij Buffon, die het volkslied meebrult. Dankzij De Rossi, met zijn geweldige tattoo. Dankzij Chiellini, die de Hulk en King Kong op zijn scheenbeschermers heeft staan. Dankzij Balotelli, die met zijn headlines de anderen in de luwte houdt. Dankzij Marchisio, die zich elke wedstrijd het leplazarus loopt om zo de gaten voor spelmaker Pirlo op te vangen. En dankzij diezelfde Pirlo, die als een Picasso zijn weg naar de voetbalonsterfelijkheid schildert. Italië heeft weer de ‘grinta’, de onverklaarbare wil om te winnen.

X-factor
Bijkomend voordeel is dat dit Italië een ongekende veelzijdigheid op het middenveld heeft, die kan wedijveren met de beste ploegen van dit EK. Niet voor niets hielden ze Spanje op 1-1, in een wedstrijd waar ze eigenlijk meer verdienden. Op de bank bij de Italianen zitten enkele spelers die als invaller de ploeg van een extra ‘spark’ voorzien. Mannen als Nocerino en Giaccherini, die samen met De Rossi, Marchisio en Thiago Motta één voor één de vijandelijke zestien op kunnen zoeken. Het is het soort spel dat Duitsland ook gewend is om te spelen, met veel doorschuivende mensen vanaf het middenveld. In de voorhoede heeft Italië echter twee spelers die wel creatief kunnen zijn, in tegenstelling tot afmaker Gomez. Misschien ligt daar wel de doorslaggevende factor in het komende duel. Kiest Löw voor een echte afmaker, of wil hij meer voetbal in de voorhoede en posteert hij Klose voorin? Diezelfde Klose, die zes jaar geleden geen potten kon breken tegen de Italiaanse defensie.

Duitsland is gewaarschuwd. Ze zijn op voorhand favoriet, maar als de wedstrijd begint, kan dat heel snel omslaan. Rekent de relatief jonge Duitse groep nu wel af met het spook van het verleden?

Saillant detail: De Italiaanse middenvelder Riccardo Montolivo speelt morgen met een Duitse scheenbeschermer. Zijn moeder is Duits.

About Gino van Montfort

Gino is hoofdredacteur en mede-oprichter van Catenaccio. Hij is al van kinds af aan voor Feyenoord, maar laat in zijn artikelen vooral een merkwaardige interesse zien in clubs, spelers en verhalen uit Zuid-Amerika. Oh, en nu Feyenoord het wat minder doet, hoor je hem vooral over zijn andere grote liefde: Real Madrid. Volg Gino op Twitter | Meer artikelen van Gino