De realiteit van Charkov

Portugal. Thuis van Nederlands meest provocatieve vrouwelijke schrijfster en ’s werelds op één na beste voetballer. Angstgegner numero uno van Oranje ook. Zondag 17 juni moeten we er weer tegen. De statistieken beloven weinig goeds: tien gespeeld, één gewonnen, drie gelijk, zes verloren, vijf doelpunten vóór, twaalf doelpunten tegen. Wijlen Rinus Michels begeleidde in 1990 de tot dusver enige zege op de Portugezen. Dat is 22 jaar geleden. Grote namen als Guus Hiddink, Frank Rijkaard, Louis van Gaal, Dick Advocaat en Marco van Basten slaagden daar niet in. Dat zijn acht wedstrijden op rij zonder overwinning. Nimmer lukte het ons het aanstaande, angstaanjagende affiche Portugal-Nederland winnend af te sluiten. Tóch is er hoop, maar tegelijkertijd ook een mits.

De eerste twee wedstrijden in de Oekraïne deze zomer zullen van cruciaal (lees: doorslaggevend) belang zijn. Tegen Denemarken MOET er worden gewonnen. En wel zo ruim mogelijk. Tegen Duitsland MOET de schade beperkt blijven. En wel zo minimaal mogelijk. Laat ik het anders formuleren: de uitgangspositie voorafgaand aan het treffen met de Iberische buren van Spanje MOET in ons voordeel zijn. At all costs. Coûte que coûte. Als er namelijk één ding is dat welk Nederlands Elftal dan ook niét kan, is het wel een gewenst resultaat halen tegen Portugal, als het erom gaat. Kunnen wij gewoon niet. Voetballend niet. Hard werkend niet. Pratend niet. Treiterend niet. Schoppend niet. De historie wijst het allemaal uit. Dan moet je er dus altijd voor zorgen dat jij de bovenliggende partij bent als het op een gelijkspel uitdraait. Nooit andersom. Laat het optische veldoverwicht en de nietszeggende balbezitpercentages maar aan de tegenstander en counter jezelf, zonder blessures en kaartleed, koel, zakelijk en met een glimlach naar een first-class seat  in het vliegtuig naar Warschau. As simple as that.

Natuurlijk valt voor het inzetten van Heleen van Royen ook veel te zeggen. Ware het niet, dat het ons juist om de grote sterspeler van de tegenstander gaat. Cristianootje zal immers, vanwege zijn in de voetballerij helaas nog altijd zeldzame en amper geaccepteerde geaardheid, ongevoelig blijken te zijn voor de verleidingen van deze Oranje stoeipoes uit de Algarve. Geen bedavontuurtjes met de Portugees. Wel met andere mannen. Soms meerdere tegelijk. Maar daarvoor moet je maar haar boeken lezen.

We zullen de Portugese machine op een andere manier moeten zien te ontregelen. Wellicht met Messi-spreekkoren, zoals de fans van Dinamo Zagreb en Cyprus deden. Wellicht ook door ouderwets Khalid Boulahrouz op te stellen, om de gluiperds van weleer ‘te laten voelen dat je er bent.’ Of we vragen Nigel de Jong of hij zijn inner-Bruce Lee weer op kan roepen. Nadien zullen alle halve ballen voor ons zijn.

Dan nog zitten we met een vervelende uitgangspositie. We moeten die eerste twee wedstrijden een positieve balans hebben. Desnoods jagen we tegen onze oosterburen op zijn Engels alle ballen het stadion uit. Of graven we onszelf in op de eigen zestien. De enige die wat klaarspeelde tegen die tactiek, Arjen Robben, speelt immers in een Oranje shirt.

De boodschap voor Bert van Marwijk en zijn 23 leeuwen, 22 jaar na dato, moge dus duidelijk zijn: op basis van pure klasse resultaat halen tegen de Denen en Duitsers, om vervolgens tegen de Portugezen de nieuwe realiteit toe te passen. Dan kan het nog een hele, maar dan ook een héle, mooie zomer worden.

About Die Lucht