De achilleshiel van de Duitsers

Van Marwijk en onze jongens MOETEN vanavond winnen tegen de Duitsers. Er is geen andere optie, want geef nou toe: we hebben wat te bewijzen. Daarom analyseren we vandaag de Duitse ploeg en gaan we op zoek naar hun zwakke punten. Waar kunnen wij van profiteren?

In dit artikel maken we gebruik van data van Infostrada Sports Group (@InfostradaNL) en de FourFourTwo Stats Zone App.

Duitsland speelt op papier in dezelfde formatie als Nederland, met twee controlerende middenvelders en één diepe spits, maar vult haar spel wel anders in. Beide teams troffen in de eerste groepswedstrijd een afwachtende, ingezakte tegenstander. Nederland probeerde zich door de verdediging van de tegenstander heen te pielen, terwijl Duitsland vooral probeerde te profiteren van ruimte op de flanken om met voorzetten Gomez te bereiken. Dit zien we ook terug in onderstaande afbeelding: Afellay, Robben en Van Persie speelden allemaal dicht bij elkaar, terwijl Müller en Podolski het veld juist breed hielden. In tegenstelling tot Afellay en Robben kiest met name Müller regelmatig voor een voorzet. Niet met al te veel succes overigens.

 

Robben vs Lahm?

Als Van Marwijk vasthoudt aan dezelfde opstelling als tegen Denemarken, betekent dit dat Robben het opneemt tegen zijn ploeggenoot Lahm. Dat is een rampscenario – Lahm is rechtsbenig, wat betekent dat hij heerlijk kan tackelen elke keer dat Robben naar binnen snijdt. Daarnaast is Lahm een belangrijke pion in de opbouw, die graag mee opkomt. Robben is niet het type speler dat achter zijn tegenstander aan gaat hollen. Door Robben op links te zetten kan Van Marwijk een hoop ellende voorkomen. Op rechtsback speelt namelijk de ietwat lompe Boateng, die een waardeloze voorzet in huis heeft en gerust vrijgelaten mag worden voor de opbouw. Daarnaast speelt Boateng al het hele seizoen centraal achterin (hij weigert zelfs nog langer back te spelen bij zijn club), waardoor hij niet meer gewend is aan het spelen tegen echte buitenspelers.

Gomez of Van Persie?

Het grootste verschil tussen Duitsland en Nederland is de rol die de spits in het elftal vervult. In feite voetbalt Duitsland met tien man en hebben ze Gomez als joker voorin lopen die voorzetjes en lange ballen afwacht in de zestien. Er was niemand die Gomez vaker dan drie keer aanspeelde tegen Portugal, in totaal ontving hij maar 14 passes (dat is echt heel weinig). Dat zien we ook terug in onderstaande afbeelding: Gomez afgezonderd van de rest. Gomez is een type spits die vooral gevaarlijk is als hij dicht bij de goal van de tegenstander aangespeeld kan worden. Dat bewijst hij al het hele jaar bij Bayern München en ook tegen Portugal had hij aan één kans genoeg om doeltreffend te zijn. Nederland kan dit voorkomen door niet in te zakken, maar juist vooruit te verdedigen en te proberen druk te zetten. Hierdoor komt Gomez niet in zijn geliefde strafschopgebied en speelt Duitsland in feite met een man minder.

Passpatronen van Duitsland tegen Portugal. De afmeting van het bolletje staat voor het aantal passes dat een speler verstuurde. Een pijl staat voor minimaal 5 passes - hoe meer hoe dikker de lijn.

 

Van Persie heeft de kwaliteiten, in tegenstelling tot Gomez, om een heel andere rol te vervullen in het elftal. Gomez is overduidelijk het type grote, lompe, koppende spits, terwijl Van Persie slim en technisch is – en daardoor ook veel minder geschikt is voor kopduels in de zestien. Van Persie zoekt voortdurend ruimtes en kan zich niet, zoals Gomez, profiteren om voorin af te wachten. Tegen Denemarken was Van Persie dan ook echt onderdeel van het spel: hij liet zich vaak inzakken, ontving veel meer passes en verstuurde veel passes. De visualisatie van de passing van Oranje geeft dan ook een heel ander beeld dan de Duitsers; het Nederlands elftal bestaat echt uit 11 samenspelende spelers; Duitsland is gewoon 10+1.

Gomez verstuurde maar drie aanvallende passes.

 

In Duitsland staat Gomez, ondanks zijn doelpunt, onder grote druk. Uit een poll van Bild bleek dat tweederde van het Duitse volk het liefst Miroslav Klose in de spits ziet, in plaats van de statische Gomez. Klose past een stuk beter in het combinatievoetbal dat Duitsland wil spelen en is eveneens een garantie voor doelpunten. Sterker nog, in de vorige oefenwedstrijd tussen Nederland en Duitsland was Klose met twee assists en een doelpunt bij alle goals van de Duitsers betrokken. Gomez voelt dan ook zijn hete adem in de nek. Zijn doelpunt tegen Portugal zal hem wat rust geven, maar als Nederland de toevoer naar Gomez weet af te snijden, dan zal de spits zich toch niet in zijn element voelen.

Passing

Passpatronen van Duitsland tegen Portugal. Een pijl staat voor minimaal 3 onderlinge passes. Hoe groter het bolletje, met des te meer verschillende spelers heeft een speler passes uitgewisseld.

 

Als we de passing van Duitsland en Nederland met elkaar vergelijken, zien we dat Duitsland, zoals eerder opgemerkt, meer een tiental is en Nederland een elftal. Dit komt doordat Mario Gomez zich niet betrekt bij het spel.

Daarnaast valt het op dat Nederland zijn spelmaker Wesley Sneijder vaker weet te vinden dan Duitsland zijn spelmaker Mesüt Özil kan bereiken. Dat is met name te danken aan de vaste mandekker (Miguel Veloso) die Portugal op Özil zette. Veloso volgde Özil op de as van het veld, maar liet hem los op de vleugel, omdat er anders een gat op het middenveld zou ontstaan. Özil liep vervolgens bijna de gehele wedstrijd rond op de vleugel, waar hij moeilijk gevaarlijk kon worden. De buitenspelers zijn afhankelijk van zijn passes en door een mandekker op Özil te zetten, voorkom je dus dat hij die ballen geeft.

Zowel bij Duitsland als bij Nederland wordt de opbouw voornamelijk verzorgd door de de rechter centrale verdediger (Hummels en Heitinga). Beiden hebben een goede pass in de benen en durven ook de spits te zoeken, als dat mogelijk is. Al heeft Duitsland met Badstuber ook iemand die goed de opbouw kan verzorgen in huis. Tegen Portugal kon Duitsland de bal vaak rustig achterin rondspelen – terwijl Nederland sneller diepte zocht.

Duitsland voetbalt meer over het middenveld dan Nederland, blijkt uit het aantal balcontacten die Schweinsteiger en Khedira gehad hebben. Nigel de Jong kreeg bij Nederland nog wel regelmatig de bal, maar Mark van Bommel was geheel onzichtbaar. Dat is bij het meer dynamische Duitse middenrif minder het geval.

Opbouw

De Duitsers kunnen in balbezit best aardig voetballen. Dat demonstreerden ze tegen Portugal zo’n zeventig minuten lang. De ploeg van Joachim Löw had veel balbezit en een hoge passzuiverheid. In het centrum staan met Mats Hummels en Holger Badstuber twee aardige voetballers, die over een goede inspeelpass beschikken. Beiden krijgen bij hun club regelmatig een vaste mandekker op zich, zodat ze meer moeite krijgen om de opbouw te verzorgen.

Badstuber is prima in staat op te bouwen

 

Hummels loopt graag met de bal het middenveld in

 

Als ze, zoals Portugal in het eerste uur deed, alle ruimte krijgen, dan zijn ze gevaarlijk. Ze durven namelijk beiden spelers aan te spelen in de dekking en Duitsland heeft met Özil, Schweinsteiger, Khedira en Gomez ook spelers die dat aan kunnen. Als deze spelers vervolgens open draaien, ligt het hele veld voor ze open. Hummels schuift zelf ook regelmatig in met de bal aan zijn voet, om vervolgens één van de aanvallers in stelling te brengen.

Wanneer je Duitsland echter onder druk zet, zoals Portugal deed na de 1-0, wordt het allemaal erg paniekerig. Nog maar de helft van de passes kwam aan (16 van de 31, terwijl over de gehele wedstrijd gezien 85% van de Duitse passes aan kwamen) en vanaf eigen helft werden slechts lange halen naar voren gegeven, met balverlies tot gevolg. Duitsland wist in het laatste kwartier zelfs geen enkele mogelijkheid meer te creëren.

Onder druk kiest Duitsland snel voor de lange bal, als het middenveld in de mandekking staat

In het laatste kwartier kwamen er nog nauwelijks Duitse passes aan

 

Nederland doet er dus goed aan de Duitsers vroeg onder druk te zetten. Dan kiezen ze namelijk al snel voor de lange bal, waardoor het sterke middenveld niet in balbezit kan komen. Daarmee voorkom je veel problemen.

Corners

De Duitse tactiek bij corners is ook opmerkelijk te noemen. Ze dekken namelijk niet op de man, zoals de meeste teams doen, maar in de zone. Er staat één persoon geposteerd bij de eerste paal (Philip Lahm) en één bij de tweede paal (Thomas Müller). Daarnaast staan er zes man op de vijf meterlijn. Ook zij staan in een vaste volgorde. Het dichtst bij de eerste paal staat Sami Khedira en daarna volgen Mario Gomez, Mats Hummels, Bastian Schweinsteiger, Holger Badstuber en Jerome Boateng. Lukas Podolski dekt in de zone voor de eerste paal een man af en Mesüt Özil staat op randje zestien voor de afvallende bal. Er blijft niemand voorin hangen.

Het manco van dit systeem bleek tegen Portugal vlak voor de rust, toen een bal bleef liggen buiten het vijfmeter gebied. Pepe nam de bal vol op de slof en het was aan de lat te danken dat Duitsland hierdoor niet op een achterstand kwam.

Er zijn talloze varianten te bedenken om de kwetsbaarheid van de Duitse cornertactiek aan te tonen. Het is bijvoorbeeld de overweging waard om Wesley Sneijder of Arjen Robben (afhankelijk van de plaats waar de bal genomen wordt) voorbij de tweede paal neer te zetten, zoals aangegeven in de onderstaande afbeelding. Vanuit die positie kunnen ze vrij uithalen, wat met hun kwaliteiten een levensgrote kans betekent.

Sneijder en Robben kunnen vanuit de omcirkelde positie gevaarlijk uithalen

Daarnaast zou Nederland de ballen strak kunnen indraaien bij de eerste paal (zoals Oekraïne deed tegen Zweden), aangezien daar met Khedira en Gomez niet de beste verdedigende koppers staan. Spitsen verliezen bij dode spelsituaties vaak hun man uit het oog, dus in die zone valt zeker wat te halen. Natuurlijk zijn er nog talloze andere varianten te bedenken, maar het gaat erom dat het Nederlands elftal weet hoe Duitsland zijn corners verdedigt en dat ze hierop anticiperen.

Conclusie

Nederland doet er dus goed aan met Arjen Robben te starten op de linkerflank, zodat hij niet tegen Lahm komt te staan. Een vaste mandekker maakt Özil vrijwel onschadelijk, terwijl je Gomez uitschakelt door vooruit te verdedigen, zodat hij niet in het strafschopgebied terecht komt. Duitsland speelt dan in feite met tien man. Als we dan ook nog eens de defensie onder druk zetten, krijgen we de bal gewoon cadeau. Om een doelpunt te maken, hoeven we alleen maar te wachten op een corner, om vervolgens de profiteren van de Duitse cornertactiek. Dan zit een overwinning er dik in voor de mannen van Bert van Marwijk.

Artikel geschreven samen met Pieter Zwart. De visualisaties van de passing van Duitsland zijn gemaakt met behulp van data van onder meer Infostrada Sports Groep, die wij zeer erkentelijk zijn voor het verstrekken van deze geweldige data. Kijk ook eens op hun website


 

About Thomas Boeschoten

Thomas is uitgever van Catenaccio. Volg Thomas op Twitter | Meer artikelen van Thomas