Arsenal niet alleen sportief in de problemen

De crisis bij Arsenal heeft de afgelopen weken een hoogtepunt bereikt. De prestaties zijn ver onder de maat, dus eisen de supporters flinke investeringen in nieuwe spelers. Voor hun gevoel is trainer Arsène Wenger de afgelopen jaren veel te zuinig geweest en moeten de opgepotte miljoenen nu maar eens tevoorschijn komen. De grote vraag die rijst, is of Arsenal werkelijk zo rijk en gezond is als iedereen denkt.

Er gaat bij Arsenal nogal wat fout in de financiële sfeer. Mannen met dollartekens zitten op invloedrijke posities en beroven de club zodoende van continuïteit. De vele contractspelers in de selectie maken dat Arsenal één van de grootste salarislasten heeft van de Premier League. De club heeft zowel op bestuurlijk als op technisch niveau last van mismanagement. Robin van Persie heeft gelijk dat hij het zinkende schip wil verlaten, en niet alleen om sportieve redenen.

Perspectief

Ondanks het uitblijven van prijzen, was er in het recente verleden altijd die ene constante waar men bij Arsenal op kon bouwen, en waardoor men zich differentieerde van andere Engelse topploegen die met geld smijten. Arsenal had een duidelijke sportieve visie, en een financieel model dat ervoor zorgde dat er ieder seizoen nettowinst werd behaald. Daar waren de transfertactieken van manager Arsène Wenger een essentieel onderdeel van. Grote verkopen, zoals die van Fabregas, Overmars, Petit en Anelka, droegen bij aan het minimale transferverlies van elf miljoen euro dat Arsenal in de afgelopen tien jaar maakte. In die periode had de Londense club de meest winstgevende transfers van heel de Premier League.

Grote verkopen waren echter ook nodig om de financiële balans van de club in het positieve te trekken, ook omdat het oude Highbury-stadion de commerciële mogelijkheden van de club maar mondjesmaat benutte.

Vandaar dat de verhuizing naar het Emirates Stadium een logische was. In het nieuwe stadion konden de commerciële belangen veel meer uitgediept worden, het zou maarliefst dubbel zoveel inkomsten opleveren als het oude Highbury. Voor de bouw van het nieuwe stadion moest wel een recordbedrag van ruim 400 miljoen euro aan schuld aangenomen worden. De prognoses waren echter rooskleurig, zo stelden clubofficials. Het nieuwe stadion zou zich in een mum van tijd terugbetalen, helemaal als het oude Highbury omgetoverd werd tot een gebied met chique appartementen, die men zeker aan de man kon brengen.

Door de economische crisis is geen van beide scenario’s uitgekomen. Sinds de opening in 2006 heeft Arsenal te maken gehad met vervelende randverschijnselen, zoals de ineengestorte huizenmarkt en de daling van koopkracht, niet alleen bij supporters, maar ook bij sponsoren. Daardoor zijn de begrotingen die voor 2006 opgesteld waren, nooit uitgekomen. De inkomsten, hoewel nog steeds goed voor een positief winstsaldo, waren daardoor veel lager dan verwacht.

Overname

Indirect hebben deze randverschijnselen ertoe geleid dat bestuursleden binnen Arsenal ontvankelijk werden voor overnamegesprekken. De Londense club, die andere teams vervloekte omdat zij de ziel verkochten aan vermogenden die niets met de voetbalclub hadden, zat plots zelf in die positie. Geruchten omtrent een mogelijke overname zijn door supporters altijd verafschuwd en door trainer Arsène Wenger altijd keihard de kop in gedrukt. Tevergeefs.

Vorig jaar nam de Amerikaanse zakenman Stan Kroenke zoveel aandelen over dat hij een meerderheidsbelang kreeg in de firma Arsenal, en dus clubeigenaar werd. De vrees van Arsenal-supporters, dat de club zou veranderen in een bedrijf dat puur op winst gericht is, wordt vanaf die dag steeds meer bewaarheid.

Kroenke is volgens het financiële blad Forbes goed voor een vermogen van 3,2 miljard dollar. Hij heeft met zijn Kroenke Sports Enterprises grote belangen in Amerikaanse sportteams, zoals de Denver Nuggets (NBA), St. Louis Rams (NFL), Colorado Avalanche (NHL) en de Colorado Rapids (MLS). Zijn bijnaam is ‘silent Stan’, verkregen vanwege zijn voorkeur om op de achtergrond te blijven, en het dagelijks bestuur van zijn sportondernemingen niet te willen verstoren.

Kroenke is tevens een product van de Chicago school of economics, het Amerikaanse economische model dat streeft naar winstmaximalisatie van een onderneming. Daar horen ook bonussen en winstpremies bij, de bonussen die door de gewone burger zo vaak vervloekt worden, en die als een soort perverse prikkel ervoor zorgen dat bestuurders soms onverantwoorde risico’s nemen. De economische crisis, zo zijn veel economisten het eens, is een product van deze manier van denken. Arsenal moet dus vooral geld in het laatje brengen, zo is de vrees van supporters.

De St. Louis Rams uit het American football onderstrepen de intenties van Kroenke. Het team zit sportief al jaren aan de grond, met als dieptepunt de laatste twee seizoenen 2010 en 2011. Ondanks die situatie, zag men de winst groeien en wist men iedere keer een positief bedrijfsresultaat op te leveren, aldus Forbes. Ook andere teams uit de stal van Kroenke Sports Enterprises draaiden sportief gezien slechts mee in de middenmoot, terwijl er bij deze ondernemingen wel positieve financiële cijfers geschreven werden. Misschien is dit ook de toekomst van Arsenal?

Het huidige Arsenal

Waar Arsenal in 2010 nog breeduit geprezen wordt voor het financiële beleid, door onder meer The Guardian en The Financial Times, daar is de situatie in 2011 ineens anders. De overname heeft schijnbaar toch zijn sporen nagelaten. Entreeprijzen stijgen in een moeilijke economische tijd met 6,5 procent om de supporters uit te melken en de mogelijkheden van het Emirates Stadium ten volle te benutten. Er wordt over het jaar 2010 bijna 80 miljoen euro winst gemaakt, een immens bedrag voor een voetbalclub, dat voor hoge bonussen in het management zorgt. De klap komt echter een aantal maanden later, als de inkomsten van de verkopen van de Highbury-appartementen wegvallen. Er wordt in die zes maanden een verlies gedraaid van ruim acht miljoen euro. Plots is de ‘Arsenal-manier’ niet meer geheel zuiver, aldus The Guardian in mei 2011.

Die trend zet zich voort in 2012. Halverwege februari blijkt uit uitgelekte notities van de Arsenal Supporters Trust, de jaarlijkse vergadering van supportersvereniging en bestuur, dat de financiële situatie niet zo rooskleurig is als men graag doet voorkomen. De conclusies die daaruit getrokken moeten worden, zijn dat Arsenal op zijn minst Champions League-voetbal nodig heeft om het gigantische salarisbudget te bekostigen. Valt die inkomstenbron weg, dan is er een acuut probleem, en is Arsenal genoodzaakt om in te teren op het kleine spaarpotje dat de club nog heeft, mits dat toereikend is. De kans is echter veel groter dat de Gunners opnieuw een substantieel bedrag zullen moeten lenen, en zo de eigen financiële positie, die door de jaren heen zorgvuldig opgebouwd lijkt, steeds verder moeten beschadigen.

Salarissen

De Gunners hebben maarliefst 71 contractspelers, samen goed voor een salarishuis van 175 miljoen euro. De hoogte van dat salarishuis is opmerkelijk, zeker als men beseft dat sterspeler Robin van Persie ‘slechts’ 5,6 miljoen euro op jaarbasis verdient. Supporters hielden in het verleden vast aan uitspraken van het management. Arsenal had een salarisplafond, en daardoor kon men geen grote namen bekostigen. Niets blijkt echter minder waar. Algemeen directeur Ivan Gazidis liet zich in oktober tegenover de BBC al uit over het vermeende plafond, dat volgens hem gewoonweg niet bestaat. Het is iets dat onofficiële notities onderschrijven met het feit dat bankspelers als Gibbs, Djourou, Fabianski, Park en Denilson drie miljoen euro per jaar verdienen. Ter vergelijking; een bankspeler bij Manchester United zit volgens officiële bronnen rond het miljoen.

Deze extravagante salarisuitgaven aan spelers buiten de basiself zijn mede verantwoordelijk voor een verslechtering van het toekomstperspectief van Arsenal. Dat is ook manager Arsène Wenger aan te rekenen. Zijn doorgeslagen zoektocht  naar talent is de voornaamste reden dat Arsenal zoveel contractspelers heeft.

Daarnaast moet Wenger, om bankafspraken omtrent de lening voor het nieuwe stadion te omzeilen, 25 procent van zijn transferinkomsten per seizoen opnieuw uitgeven aan spelers. Hij is er de man niet naar om met miljoenen te smijten op de transfermarkt, dus lost de Fransman het intern op, door spelers sterk verbeterde contracten te laten ondertekenen. Hieruit volgt de onmogelijke verdeling die hiervoor al kort beschreven is. Zodoende raakt Arsenal overbodige spelers moeilijk kwijt, veelal door te hoge salariseisen.  In het geval van Nicklas Bendtner was het zo erg dat de club besloot om zijn volledige salaris van vier miljoen euro per jaar door te betalen gedurende zijn uitleenbeurt aan Sunderland.

Het is voor Arsenal, als club met een omzet van 274 miljoen euro, onmogelijk om de hoge salarispost van 175 miljoen euro in de komende jaren vast te houden, zonder nieuwe leningen aan te nemen. De financiële risico’s worden dan gewoonweg te groot. In het juiste perspectief bekeken, heeft de Londense club met haar totale salarisbudget een hogere post dan zowel Real Madrid als Barcelona, die een omzet van meer dan 400 miljoen euro kennen. Dat gegeven is op zijn minst schrikbarend te noemen.

Vertekenend

Toch overlegt Arsenal kort na de supportersvergadering prima financiële cijfers. In de recent naar buiten gebrachte financiële statement van de club, te bekijken via de officiële website, doet een glunderende voorzitter Peter Hill-Wood verslag van de bijna 60 miljoen euro winst die het afgelopen halfjaar geboekt is. Het is een recordwinst voor de onderneming, voortgekomen uit de verkopen van Fabregas en Nasri.

Maar de cijfers zijn enigszins vertekenend. Er zijn flinke schulden die op korte termijn moeten worden afbetaald, en detransfersommen van in de zomer gekochte spelers worden zoals gebruikelijk over het gehele boekjaar afgeschreven, niet over dit halve jaar. Tevens is de boekwaarde van het spelersbestand ondanks de verkoop van Fabregas en Nasri met maar liefst 60 miljoen euro gestegen van 91 miljoen naar 150 miljoen.  Wanneer deze opmerkingen meegenomen worden in de beoordeling van de financiële resultaten, blijft er voor Arsenal weinig tot niets over als uiteindelijke winst. Men zou zelfs een verlies van enkele miljoenen boeken. Het is een grimmige realiteit voor een club die door een uitgekiende visie goede vooruitzichten dacht te creëren.

Die vooruitzichten worden in de komende periode alleen maar donkerder, wanneer de sportieve resultaten wederom uitblijven. Een vroege uitschakeling in de Champions League, alsmede een gemis van zo’n tien miljoen aan inkomsten, dreigt. De vierde plaats in de competitie, die recht geeft op deelname aan het kampioenenbal in het volgende seizoen, is allerminst zeker, en zou een verlies van 45 miljoen aan inkomsten betekenen. De financiële onzekerheid groeit.

Gemor

Desondanks blijven bestuursleden wijzen op de gezonde resultaten die in dit halfjaar gehaald zijn. Het is slechts het aanstippen van een schijnwerkelijkheid, waarin mannen met dollartekens alleen uit zijn op eigenbelang. Zij leggen het belang van de club subtiel naast zich neer leggen, onder meer door de nijpende salarissituatie compleet te negeren. Ondertussen klinkt er gemor binnen de supporters, en niet alleen vanwege de opnieuw verhoogde entreeprijzen. Zij zien gelijkenissen met rivaal Manchester United, waar de Glazer-familie de cash cow  uitmelkt. Winstmaximalisatie is ook voor Arsenal niet de weg naar succes. Toch is de Londense club er volop mee bezig. De verkoop van een nieuwe superster lijkt door deze bedrijfsvoering onvermijdelijk. Van Persie kan in de zomer maar beter zijn koffers pakken.

Dit artikel is vandaag, 6 maart, ook verschenen in Dagblad De Pers.

 

About Gino van Montfort

Gino is hoofdredacteur en mede-oprichter van Catenaccio. Hij is al van kinds af aan voor Feyenoord, maar laat in zijn artikelen vooral een merkwaardige interesse zien in clubs, spelers en verhalen uit Zuid-Amerika. Oh, en nu Feyenoord het wat minder doet, hoor je hem vooral over zijn andere grote liefde: Real Madrid. Volg Gino op Twitter | Meer artikelen van Gino