Ergste van hun soort: De Oranje-supporter

Van oefenwedstrijden van Oranje zie ik altijd alleen maar het eerste kwartier en het kwartier na rust; de rest breng ik slapend door op de bank voor de tv. De saaie wedstrijden zijn sinds afgelopen woensdag niet meer mijn grootste punt van frustratie rond het Nederlands Elftal. Met collega Frank besloot ik naar de ArenA af te reizen om ‘onze jongens’ eens even in het echt te aanschouwen. Het werd een drama. En nee, niet door het slechte veldspel, maar door de debiele Oranje-supporters.

22_oranje_fans_dpa_400

Het begon al bij het parkeren. De ‘feestgangers’ toeterden heel Zuidoost bij elkaar. Gewoon voor de lol. Maar zo gezellig waren ze voor de rest niet. Voetgangers die voor de ingang van de parkeergarage liepen, waren bijna voor altijd verlamd. Invoegen of voorrang geven was er ook niet meer bij. Het legioen is pas één in het stadion blijkbaar. Daarbuiten is het ieder voor zich.

Dat merkte een mevrouw vlak buiten de parkeergarage ook. Oranje-supporters namen niet even twee minuutjes om haar eventjes te helpen. Omdat ik de enige was die geen moeite gedaan had om een belachelijk oranje hoedje of boa om te doen, vroeg ze mij waar ze de Heineken Music Hall kon vinden. Wijzend naar de Oranje-massa merkte ze op, dat het hopelijk een heel andere kant op was dan de rest.

Dat hoopte ik juist niet. Het was bijna een wens dat al die mislukte kermisklanten een concert gingen bezoeken in de HMH. Dat ik van hun lawaai, debiele grappen en keiharde gegastoeter af was. Jammer genoeg was dat niet het geval. Het leek wel alsof het gesticht alle patiënten tegelijkertijd op verlof had gestuurd naar de ArenA. Iedereen gedroeg zich als een idioot.

In het stadion sloegen broodnuchtere gasten elkaar op het hoofd met een vlag. Een geluk bij een ongeluk: bij zulk gedrag kunnen we er wel vanuit kunnen gaan dat ze toch niets beschadigen. Twee dames voor ons vroegen zich al na vijf minuten af wanneer de wave nou eens zou beginnen. ‘Want dat is altijd zo gezellig’. Wat de rest van het stadion deed? Keihard juichen omdat een of andere mongoloïde mascotte de bal in het doel schoot. Zonder keeper en na vijf keer proberen overigens.

Het beloofde nog wat voor de wedstrijd. Maar schijn bedriegt. Omdat er na tien minuten nog niet gescoord was, hielden de liederen op. De trommels gingen in de hoezen en om de vijf minuten ging er wel iemand koffie halen.

Oranje-supporters zijn echt net kermisklanten. Zolang het gezellig is, maken ze feest. Zit er wat tegen, dan vinden ze er geen ruk meer aan. Verrassend vond ik het dan ook niet dat het stadion rond de tachtigste minuut leegliep.

Iedereen ging op weg naar de parkeergarage. Waarschijnlijk om elkaar hersenen in elkaar te slaan. En geloof me: daar heb ik helemaal geen moeite mee.

Lees ook andere columns van Mascini op WebRegio

Gerelateerde artikelen:

  1. Ego’s doen Oranje straks weer de das om
  2. Het trauma van Oranje
  3. Oranje bloeit

About Mascini

Leander is een schrijver, columnist, blogger én wielrenner. Hij schrijft wat hij vindt en is niet bang om tegen heilige huisjes aan te schoppen. Niets ontkomt aan zijn vaak ongefundeerde kritiek. Zijn doel: de mensen vermaken. Zijn motto: spreken is zilver, schrijven is goud. Zijn droom: De Tour de France winnen.